Dr Harold Fliervoet is verpleegkundig specialist oncologie bij het Canisius-Wilhelma Ziekenhuis in Nijmegen. In het kader van borstkankermaand gaf hij een presentatie over de late effecten van borstkanker. De presentatie vond plaats in het Marikenhuis, een inloophuis voor mensen die geraakt zijn door kanker.

“Ik begeleid mensen in het traject na de behandeling. De tumor kan wel weg zijn, maar dat betekent niet dat de gevolgen van de kanker dat ook zijn. Borstkanker heeft de neiging om terug te komen. Dit proberen we te bestrijden door hormoonbehandelingen en, in sommige risicogevallen, preventieve chemotherapie. Zeker dat laatste is vervelend omdat het gebrek aan hoofdhaar mensen het idee geeft dat de kanker er nog is. De omgeving denkt echter soms te makkelijk over de late effecten van bprstkanker. Het kan erg zwaar zijn als mensen verwachten dat je meteen weer de oude wordt terwijl je eigenlijk nooit meer de oude zult zijn.”

 

“Elke keer als ik ziek, zwak of moe ben, vrees ik het ergste.”

  Een vrouw uit het publiek vult aan dat zij voornamelijk worstelt met het vertrouwen in haar lichaam terugkrijgen.  

 

“Een van de effecten die vrouwen vaak erg vervelend vinden is de gewichtstoename. Om verspreiding van de tumor te voorkomen, brengen of houden we het lichaam van de patiënt in de menopauze. De verminderde oestrogeenproductie vermindert de kans op verspreiding van borstkanker. Dit heeft echter ook tot gevolg dat er gewichtstoename optreed.” Een van de achttien aanwezig vrouwen weet nog goed hoe teleurstellend dat was. “Waarom vallen mensen meestal af van kanker maar bij borstkanker niet?” Dr Fliervoet doet zijn best om dat uit te leggen. “De medicijnen die we voorschrijven helpen de gewichtstoename. Ze verhogen de eetlust en elke boterham die je eet telt voor twee. Daarnaast kan de ervaring van smaken veranderen waardoor er extra behoefte is aan zoet of hartig eten. Ik weet nog goed een vrouw die naar mij kwam omdat ze alles naar beton vond smaken. Ze weigerde te eten dus we hebben uiteindelijk de voedingsstoffen in vloeibare vorm moeten toedienen.”

 

Ook in Tiel staat een inloophuis voor (ex-)kankerpatiënten. Hier focussen ze zich voornamelijk op leuke activiteiten. Het idee is dat het een laagdrempelige plek is voor lotgenoten om bij elkaar te zijn en hun ziekte even helemaal te vergeten.

 

[soundcloud url=”https://api.soundcloud.com/tracks/229700775″ params=”color=ff5500&auto_play=false&hide_related=false&show_comments=true&show_user=true&show_reposts=false” width=”100%” height=”166″ iframe=”true” /]

Iets waar weinig over gepraat wordt zijn de seksuele nadelen. Door vermoeidheid, onzekerheid en overgangsklachten vanwege de hormonale behandeling kan intiem zijn met je partner flink veranderen. Daarbij ervaren veel patiënten pijn bij het vrijen doordat de vagina minder vochtig wordt en soms zelf een verminderd libido.

Dit is iets waar Dr Fliervoet veel mee te maken krijgt tijdens zijn werk. “Ook voor de partner verandert er veel op het gebied van intimiteit. Zeker na amputatie is er vaak ook de zorg of men de partner pijn doet. Veel partners vinden het ook moeilijk om de verminderde fysieke aantrekking te bespreken met hun geliefde. Je wil iemand niet kwetsen die al zoveel heeft meegemaakt maar het is wel belangrijk dat het uitgepraat wordt. Ik had een patiënt die met haar man op gesprek was en toen ik vroeg hoe het zat met de intimiteit barstte ze in huilen uit. Ze hadden het niet met elkaar besproken en toch zat het de vrouw kennelijk al zo hoog. Soms is verandering meer psychologisch. Als je een lange tijd voor iemand gezorgd hebt kan het moeilijk zijn om die persoon weer in een romantisch licht te zien. Als daar behoefte voor is, verwijs ik door naar een psycholoog om de band weer te herstellen.”