Studeren en een kamer hebben, het spreekt voor zich. Toch is dit niet het geval voor tientallen internationale studenten, die deze zomer in Tilburg arriveerde. Terwijl het schooljaar al van start is gegaan, zoeken deze studenten nog volop naar een verblijfplaats.

President Rens Lauwers van I*ESN (International Exchange Erasmus Student Network) is van mening dat de universiteit wel deels schuldig is, maar benadrukt ook dat de student zelf verantwoordelijk is voor zijn/haar slaapplaats. ‘’Wat er precies in de mails naar de studenten wordt gestuurd weet ik niet, maar als er zoveel twijfelaars zijn dan moet er daar in iets veranderen. Communicatie is erg belangrijk, zeker in dit geval.’’

Lauwers: ‘’Studenten die opzoek waren naar een kamer konden in de eerste week langs komen bij verschillende bijeenkomsten om alsnog een kamer te vinden. Daar zijn een hoop mensen in contact gekomen met verhuurders en zij hebben daar uiteindelijk een kamer aan overgehouden.’’

Lauwers benadrukt dat I*ESN zelf niet verantwoordelijk is voor het verhuren van kamers: ‘’Maar we willen natuurlijk allemaal dat iedereen gewoon in een fatsoenlijk bed kan slapen. Dus helpen wij waar we kunnen.’’

Wel werkt I*ESN samen met Student Housing Holland, een bedrijf dat kamers aanbiedt aan studenten in Tilburg. Deze kamers zaten echter in juni al vol. ‘’Het aantal kamers dat Student Housing Holland verhuurt stijgt elk jaar. Maar ook zij willen een gezonde bedrijfsvoering en dus kunnen zij niet ineens veel meer kamers aanbieden dan vooraf begroot.’’

Dutch only

Ondanks dat internationale studenten regelmatig aankloppen bij Nederlandse huisbazen, worden zij regelmatig geweigerd. Dit komt mede door het feit dat huurbazen en verhuurders vooral opzoek zijn naar Nederlanders. Ook wordt er vaak een huurovereenkomst voor minstens een jaar afgesloten, iets wat veel exchange students niet kunnen doen. ‘’Ik kan uit commercieel oogpunt minimaal een jaar verhuren wel begrijpen”, vertelt Lauwers. “Huurbazen doen dat volgens mij ook puur om geen buitenlanders in huis te hebben. En dat hoeft niet per se racistisch te zijn, maar kan ook gewoon bijvoorbeeld met communicatieve beweegredenen zijn. In je moedertaal praat je nu eenmaal makkelijker.’’

Zohar en Lauder

Zohar en zijn studiegenoot Lauder laken het gebrek aan communicatie vanuit de universiteit. ‘’Als ik in juni een berichtje krijg dat het erg druk wordt qua huisvesting, dan boek ik in juni een ticket naar Nederland en had ik toen meteen een kamer geregeld,‘’ zegt Lauder. ‘’Nu kom ik hier aan in de veronderstelling dat alles geregeld is en dat had voorkomen kunnen worden.’’

Met het slapen in een hotel hebben Zohar en Lauder totaal geen probleem, maar het gebrek aan een keuken is iets wat ze financieel toch wel erg voelen. Zohar: ‘’Restaurants zijn heel erg duur, omdat wij geen keuken hadden moesten we of daar eten of kant en klaar voedsel van de supermarkt.’’ Lauder vult aan: ‘’Ik merk ook dat ik mijzelf niet zo lekker voel na twee weken Nederland en ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat dat voornamelijk komt door het slechte voedsel wat ik nu eet.’’

‘’We hebben enorm veel geld uitgegeven aan het zoeken van een kamer, want eerst moesten we zelf een hotel betalen bijvoorbeeld. Treinreizen van Eindhoven naar Breda is natuurlijk ook niet goedkoop, maar we werden een beetje gedwongen om ook daar te gaan zoeken naar een plek.‘’

De jongens zijn best pissig over hoe zij de eerste twee weken in Nederland hebben door moeten brengen. Doordat Zohar en Lauder uiteindelijk toch een kamer hebben gevonden, kunnen ze vanaf half september echt beginnen met studeren in Nederland.