Het was een debat om over na te praten. Hillary Clinton en Donald Trump stonden dinsdag op woensdagnacht oog in oog om de Amerikaan te overtuigen. In het debat van nu lijkt een soort traditie te worden om elkaar in de haren te vliegen. Niet alleen inhoudelijk, maar ook persoonlijk halen de presidentskandidaten elkaar het bloed onder de nagels vandaan.

Rutger de Ridder, bestuurslid van de jongerenorganisatie van de VVD (de JOVD), keek naar een debat met verschillende karakters. “Waar ik vooral benieuwd naar was, is of Trump iets inhoudelijks ging doen. Clinton daarentegen was duidelijker en had een goed verhaal. Wat ze goed deed was zoeken naar de inhoudelijke verdieping van haar standpunten. Ze bracht als beste van de twee haar partij programma naar voren.”

“Ik werd van beide politici niet echt warm”, zegt Willem Pos, voorzitter van de SGP-Jongeren. “Beide politici zijn naar mijn mening vrij oud om zich als president verkiesbaar te stellen. Clinton kampt met haar gezondheid en Trump is ook al 70. Ik had graag jongere kandidaten gezien, bijvoorbeeld Mark Rubio of Paul Ryan.”

Verruwing Taalgebruik

De discussie die de laatste tijd weer oplaait, is of politici gebruik moeten maken van ruw taalgebruik in het debat. De Ridder: “Ik denk dat het in Nederland er al gebeurd. Geert Wilders is daar een meester in. Iets wat ik Trump ook moet nageven, is dat hij goed is in het snel onder woorden brengen van één punt. Waar ik me juist bij Clinton aan ergerde, in de zin van dat haar verhaal vaak te lang duurde. Ondanks dat denk ik dat Clinton als winnaar uit het debat kwam. Haar aanpak was het beste. Ze was erg fel en redelijk op de persoon.”

“Ik ben geen voorstander van de verruwing van het taalgebruik”, zegt Pos. “De bedoeling is dat je als politicus luistert naar de burger. Alleen als je de mensen serieus neemt, nemen ze jou serieus. Iets wat ik goed vind van Trump, is dat hij groepen vertegenwoordigt die zich eerst niet vertegenwoordigd voelden. De verschillen zijn minimaal, maar als ik naar de peilingen kijk, denk ik dat Trump nipt gaat winnen.”

Vicieuze cirkel

De politiek zit volgens De Ridder in een vicieuze cirkel waar politici moeilijk uitkomen. “Het verruwen van het taalgebruik maakt het aanzien van de politiek er niet beter op. Maar het hoort er tegenwoordig ook een beetje bij. Het maakt het debat mooier. Politici mogen van mij een stapje populistischer worden om uiteindelijk de kiezers te trekken. Als je een heel lang verhaal houdt, haakt iedereen af. In Nederland is ruw taalgebruik ongebruikelijk, meestal verpakken we het iets mooier, maar we gaan daar wel steeds verder in. Ik denk dat alle politici het uiteindelijk gaan gebruiken om de kiezers aan te trekken, maar het kan ook averechts werken. Politici weten niet precies wat ze nou moeten doen om iets voor elkaar te krijgen. Dat maakt het lastig. Ook Trump en Clinton waren hier beiden niet zo goed in. Ondanks dat denk ik dat Hillary Clinton, doordat ze inhoudelijk sterk is, de verkiezing gaat winnen.”