Sport

Rally racen in de brandende zon

May 27, 2017 Maartje Cooijman

De geur van benzine, het geluid van een knallende uitlaatpijp en slippende banden, het gejuich van opgewonden publiek: de ELE Rally is weer begonnen.

Van jong tot oud staan ze achter de rood met wit gespannen afzetlinten; de mensen die naar het terrein van Automotive zijn gekomen voor een van de klassementsproeven van de ELE Rally. Er wordt rustig gekeuveld over het weer en mensen genieten van een drankje of een hapje, terwijl men gebroederlijk wacht op de eerste auto’s die hier de bocht om komen scheuren. Het wedstrijdelement mag in de Rally sport dan een ontzettend grote rol speelt, de sfeer heeft er niets onder te lijden.

 

Effe Langs Eindhoven

De ELE Rally, in de volksmond beter bekend als de Effe Langs Eindhoven Rally, is een race die bestaat uit meerdere locaties. Hierdoor vindt, anders dan bij een gewone autorace, een gedeelte plaats op de openbare weg. Liefhebber Sil Meeuwsen legt uit dat het niet de bedoeling is dat je de verkeersregels overtreed om zo snel mogelijk bij je bestemming aan te komen. Sterker nog, als je te hard rijd, en daardoor dus te vroeg inklokt, dan krijg je strafpunten.

De klassementsproeven worden wel gereden op een afgesloten terrein. Hierbij mag de chauffeur dus vol gas geven. Daar smult het publiek natuurlijk extra van. De kijkers staan bij de moeilijkste bochten en men staat te popelen om de racewagens daar voorbij te zien razen. Hele families schreeuwen enthousiast als een auto slippend de bocht om sjeest en iedereen houdt zijn adem in als een ander met panne komt te staan. Er heerst een gevoel van saamhorigheid.

Op het serviceterrein

Diezelfde saamhorigheid voel je ook wanneer je voor de wedstrijd het serviceterrein van rallyracers oploopt. De geur van olie en benzine walmt je tegemoet en overal klinkt het hoge gezoem van banden die op- of afgelegd worden. Het terrein is in beweging, maar de sfeer is nu nog ontspannen.

Ruud Middel, van het Ruud Middel Rallyteam, is zich voor aan het bereiden op de race. Al van jongs af aan is hij dol op de sport en ondertussen draait hij al een aantal jaren mee. Vandaag rijdt hij de wedstrijd voor het eerst met een nieuwe wagen. Dat roept heel wat herinneringen op.

“Toen ik twee weken zeventien was heb ik een Rallywagen overgenomen, maar toen mocht ik nog niet autorijden. Dus die heb ik toen een jaar in de schuur laten staan. Twee maanden nadat ik achttien werd heb ik mijn rijbewijs gehaald Toen heb ik hem ook een paar keer mee naar school genomen, want dat was stoer”, aldus Ruud.

Racen en school gaan moeilijk samen

Ruud was een van de weinige deelnemers onder de twintig die gelijk plaats nam achter het stuur. Het grootste gedeelte van de rallyrijders heeft volgens hem een leeftijd die tussen de vijfentwintig en de veertig ligt. Dat blijkt ook niet zonder reden. Middel moest regelmatig een stapavondje met vrienden overslaan en zijn schoolwerk kwam niet altijd op de eerste plaats.

“Je hebt een passie dus ga je op een gegeven moment van drie avonden naar vijf avonden in de week werken. Dat is heel goed voor de spaarpot, maar niet zo goed voor de studie. Maar je moet geen spijt hebben van de dingen die je gedaan hebt. Het heeft me heel veel gebracht. Ik rij nu voor het dertiende jaar rally.”

Gelukkig kon de beginnend Rallyracer op veel steun uit zijn omgeving rekenen. Zijn vader plaatste de eerste auto op zijn naam, zijn vrienden sloten zich aan bij zijn team en zijn zus ging regelmatig naast hem zitten om te navigeren. Ruud benadrukt dan ook dat je Rally rijden niet alleen kan doen, maar daar een team voor nodig hebt.

Prijzige hobby

Ook Ruuds navigator voor de ELE Rally van 2017, Martijn Ebben, beaamt dat er een team nodig is om een race te bewerkstelligen. Er zijn volgens hem mensen nodig die iets van de techniek weten, mensen die weten hoe het financieel zit en mensen zoals hij; die de chauffeur tijdens het rijden helpen met de navigatie.

Het team is ook wel nodig want de kosten van een race zijn enorm hoog. Het inschrijfgeld van de ELE bedraagt 675 euro en daar komen dan nog onkosten van de wagen bij kijken. “We rijden zo’n zes banden op van zo’n 135 euro, het team staat hier 48 uur klaar, er zijn kosten voor de brandstof en de olie. Al met al kost deze wedstrijd ons zo tussen de twee en drieduizend euro.”

Plankgas

Ondertussen begint het serviceterrein meer in beweging te komen. Waar net nog mensen zaten te genieten van een broodje shoarma of een frikandel, komt er nu ineens leven in de brouwerij. De eerste auto’s, oldtimers die legends worden genoemd, maken zich op voor vertrek.

De auto’s starten één voor één vanaf het podium. Daar staat een presentator die de rijder en de navigator introduceert aan het publiek. Zodra het team de benodigde papieren met tijdstempels heeft ontvangen, vertrekt het onder luid gejuich naar de eerste klassementsproef op het terrein van Automotive. Waar mensen van jong tot oud enthousiast staan te wachten achter de rood met wit gespannen afzetlinten.

Image Credits: Maartje Cooijman.