De 1,30 meter lange Take Zonneveld start vanaf de herfst met trainen op het grootste Nederlandse topsporttrainingscentrum Papendal. Met onder andere een speer die twee keer zo lang is dan zijn eigen lichaamslengte zal hij zich gaan focussen op de Paralympische Spelen van 2020 in Tokio. Hij hoopt uit te komen in F40 klasse discuswerpen, kogelstoten en speerwerpen.

Bij kogelstoten liggen de grootste kansen voor Zonneveld. Hij zal zijn Nederlands record van 8,01 meter in drie jaar tijd met 0,99 meter moeten verbeteren om zich te kunnen plaatsen voor de Spelen.

De tweede mogelijkheid ligt bij het speerwerpen. Waar de Schiedammer eind 2015 nog naar de Spelen zou gaan, hoorde hij een paar maanden later dat de F40 klasse (sporters onder de 1,30 meter) was geschrapt. De gehele groep is toegevoegd aan de F41 klasse (sporters onder de 1,45 meter). ‘‘Dit was een bittere pil, want ik moet het opnemen tegen atleten die een stuk groter zijn dan ik met een stuk meer spiermassa’’, vertelt Zonneveld. ‘’Dit is te vergelijken met een judoka van 75 kilogram die het opeens moet opnemen tegen een judoka van 100 kilogram.’’

Verder gooien heeft geen zin

De laatste kans, en tevens de kleinste, is het discuswerpen. De gehele F40 klasse discuswerpen voor mannen is namelijk geschrapt. Mirjan Weever, persvoorlichter van de Atletiekunie, laat weten: ‘‘Om het zo eerlijk mogelijk te maken voor de sporters zijn er klassen ontwikkeld. Atleten met ongeveer dezelfde handicap strijden tegen elkaar voor een medaille. Zo is er tussen verschillende sporters geen onevenredig voordeel.” Het Internationaal Paralympisch Comité (IPC) beslist uiteindelijk of er per klasse genoeg atleten zijn om het een Paralympisch onderdeel te maken. Zo komt het vaak voor dat er niet genoeg atleten per klasse zijn waardoor het onderdeel wordt geschrapt van de Spelen.

Met Zonneveld als enige werper uit Nederland en twaalf andere in de rest van de wereld, besloot het IPC  het onderdeel te schrappen. Of hij de Spelen had gehaald als de klasse niet was verwijderd, is erg aanwezig. Hij heeft vorig jaar het wereldrecord gehaald. ‘Ik blijf trainen op discuswerpen. De kans dat er binnen een aantal jaar genoeg atleten zijn voor een verandering in het beleid van het IPC is groot. Er zijn verder nog genoeg toernooien om mijn wereldrecord aan te scherpen’’, vertelt Zonneveld met een lichtelijk bedroefd gezicht.

Toekomst op Papendal        

‘Ik ben dolblij dat ik binnenkort mag beginnen op Papendal. De geboorteplaats van vele Olympische en Paralympische medailles’’, vertelt Zonneveld terwijl zijn glimlach weer tevoorschijn komt. ‘‘Het grootste gedeelte van mijn tijd zal ik steken in kogelstoten. Hier liggen voor mij de meeste mogelijkheden. Speerwerpen zal ik daarentegen niet al te ver links laten liggen. Dit is namelijk mijn favoriete onderdeel en als ik me blijf ontwikkelen zoals de afgelopen jaren bestaan hier ook kansen.”

De Spelen van Tokio zijn pas over een kleine drie jaar. Er is dus nog veel tijd voor het multitalent om zich te ontwikkelen. Als je je bedenkt dat Take pas in 2014 als 16-jarige jongen met atletiek begon, lijkt de route naar Tokio niet eens zo lang.