Plastic zit in onze laptops, telefoons en in vele verpakkingen van producten. Veel van dit plastic is alleen niet duurzaam, maar dat kan het wel zijn. Zo zijn verschillende bedrijven tegenwoordig bezig met het maken van plastic uit ‘biobased’ materialen, zoals tomaten of bessen. De Green Chemistry Campus (GCC) in Bergen op Zoom stoomt middelkleine bedrijven klaar voor een marktintroductie. voor een introductie op de markt. Eva-Lisa Janssen (25), operational manager bij de GCC, vertelt meer over de Campus en het gebrek aan jongeren in de sector.

Bij de GCC kunnen middelkleine bedrijven die biobased verpakkingen maken hun concept verder uitwerken voor een marktintroductie. “Je moet ons eigenlijk zien als een starterslift”, legt Eva-Lisa uit. “Wij helpen bedrijven met opschalen. Dat is lastig. Start ups zijn namelijk hip en jong en je kan er alle kanten mee op. Bij opschaling is het een stuk ingewikkelder. Vooral in de groene chemie moet je met veel factoren rekening houden, zoals de verschillende waardes van de grondstoffen (planten) en de eisen die de overheid stelt aan biobased verpakkingen, voordat je je producten grootschalig kan produceren en verkopen. Dat vraagt om de nodige kennis.”

Wat is ‘biobased’?

Bij de term ‘biobased’ spreken we vaak over de Biobased Economy. Dit is een economie die in plaats van fossiele brandstoffen draait op organisch materiaal. Deze organische, ofwel biobased, materialen zijn bijvoorbeeld mais, bieten, bomen etc. Van deze grondstoffen worden uiteindelijk producten gemaakt, zoals verpakkingen of brandstoffen.

Een baan met nut

Eva-Lisa heeft zelf geen achtergrond in de chemie, maar deze 25-jarige meid heeft amper tot geen moeite om te werken tussen de vele mannen en het vele grijs. Het gaat haar niet om de omstandigheden, maar om de zingeving die ze haalt uit haar baan. “Zelf studeerde ik communicatie aan Avans. Na het afstuderen zag ik toevallig een vacature bij de Green Chemistry Campus. De functie sprak mij erg aan, maar vooral ook het doel. Je leeft in de 21e eeuw. Je kan worden wat je maar wil en waar je maar wilt, als je je genoeg inzet en de nodige kennis hebt.  Voor mij was het erg belangrijk om een baan te vinden met nut. Ik wilde zingeving halen uit mijn beroep. Biobased gaf mij ontzettend veel zin, want ik geloof echt in wat wij hier aan het doen zijn. Ik heb er alle vertrouwen in dat wij de wereld een betere plek maken door ons te richten op biobased. Ondanks dat ik geen achtergrond in de chemie heb, kon ik toch in deze wereld rollen door mijn contacten en mijn affiniteit met duurzaamheid.”

 

Biobased ‘sexy’ maken

“Duurzaamheid is inmiddels al een ‘sexy’ begrip”, geeft Eva-Lisa aan. “Maar biobased is dat daarentegen nog niet.”  Ze merkt wel dat de interesse voor biobased er is als ze bijvoorbeeld op scholen spreekt. Het ligt, volgens haar, aan de manier van storytelling (en ‘storyselling’) of de informatie ook binnenkomt.  “Je moet niet bij jongeren aankomen met vakjargon. Je moet duidelijk maken wat allemaal is gemaakt van plastic, waar het vandaan komt, wanneer de stoffen opraken en vervolgens wat het alternatief is, zoals het maken van plastic uit aardappel. Als je dat vertelt gaan de ogen vaak wel iets meer open.”

Zelf gelooft Eva-Lisa dat biobased nog een grote opkomst zal maken. Ze vergelijkt het met de bitcoin. “Eerst hoorde je niks van de bitcoin. Het was dan ook iets ingewikkelds en werd niet gedragen door een breed publiek. Daarna werd het opgepakt door zogenaamde ‘innovators’ en werd het booming. Zo moeten biobased producten ook worden opgepakt door jonge, hippe ondernemers en zo vercommercialiseerd worden. Dan gaat het hetzelfde paddenstoel-effect hebben als de bitcoin. Net als met duurzaamheid zullen jongeren ook deze wereld instappen, omdat zij iets willen veranderen, de wereld willen verbeteren.”

Verjongen

Nu is het volgens haar de tijd om de sector te ‘verjongen’. “Biobased is nu zo ver ontwikkeld dat het zijn eerste stappen kan maken. Nu is de commercie nodig. Ik zou dan ook een oproep willen doen naar jongeren die iets met duurzaamheid willen doen. Sluit je aan bij een biobased beweging, of een community, of de GCC”, sluit ze af met een knipoog.