Aan de voet van een berg staat het witte huisje met lichtblauwe kozijnen. Het is vanaf hier zo’n half uur naar Reykjavik, langs berg Esja en via road 47 dat aan de oprit grenst. Met een normale auto kom je de oprit niet op; er ligt sneeuw en het is een flinke helling. Eenmaal boven bij de serre aangekomen is het uitzicht op de oceaan met daarachter nog meer bergen, beeldschoon. De deur van het huisje gaat open en een vrouw met lange grijze haren zwaait. Het is Ragnhildur Jónsdóttir, ook wel bekend als Ragga, de woordvoerster van de elfen, en zij gaat over haar ervaringen met elfen vertellen.

“Ik groeide op in de buurt van Hafnarfjordur en woonde dichtbij het hellisgerði park. Het was een beetje mijn park; ik kende alle bomen en elke rots. In 2011 kwamen er elfen naar me toe terwijl ik in het park aan het werken was. Ze vroegen me of ik zo vrij wilde zijn om een elfentuin te openen en mensen te vertellen over elfen als een soort spreker. We leenden een huisje van het dorp en werkten in het park. We namen mensen mee op elfenwandelingen en vertelden ze over mijn vrienden in het park; de verschillende elfen, dwergen en Huldufolk. We waren daar vijf jaar maar het huisje wat we daar in gebruik hadden was erg klein, namelijk maar twintig vierkante meter. Als we een grotere groep hadden dan het huisje zelf, dan moesten we buiten blijven omdat het gewoon niet paste. Als je een beetje bekend bent met IJsland, weet je dat het weer niet altijd meewerkt wanneer je buiten moet zijn. Toen hebben we besloten om een andere plek te vinden. We zijn gaan reizen en gaven workshops tot dat we deze plek vonden.”

Wat denken de elfen van ons mensen?

“De reden dat ze contact met me hebben gezocht die eerste keer, is omdat ze weer in dichter contact met mensen wilden zijn. Dit gebeurt over heel de wereld. Ik heb veel verhalen gehoord sinds we de elfentuin hebben geopend dat mensen zeiden ‘wat, ze hebben precies dezelfde zin tegen jou gezegd!?’. Ze zoeken contact met mensen zodat die mensen ‘het woord’ van de elfen kunnen verspreiden. Het komt erop neer dat de huldufolk het belangrijk vindt dat we onze planeet niet verpesten. Om dit te bereiken zullen we allemaal (alle verschillende elfensoorten, mensen, planten en dieren) samen moeten werken om de planeet te redden. Ze willen dus weer in contact met ons mensen zijn om samen te werken. Het is dus een erg belangrijke zaak om met ze samen te werken. Maar ze zijn ook zo leuk. Ze hebben humor, zingen mooi, kunnen goed knutselen zoals borduren en andere dingen die ze me nog aan het leren zijn. Ook hebben ze allerlei soorten dieren: honden, wolven, koeien, schapen en paarden maar ook draken, eenhoorns en dingen waar ik nog geen naam voor heb bedacht.”

Huldufolk kan worden vertaald als ‘het verborgen volk’. Kunnen elfen dan ook Huldufolk genoemd worden?

“Huldufolk zijn geen elfen maar leven in de elfenwereld. Ze lijken erg op ons mensen maar zien er altijd beeldschoon uit. Ze zijn op veel vlakken net zoals wij; ze hebben banen als boer of vissers. Er is ook een speciaal soort huldufolk. Zij zijn, zoals wij ze hier in IJsland noemen, de Koninklijke familie. Ze leven in huizen zo groot en mooi als paleizen. Ze gebruiken die grote huizen om andere wezens te helpen als zij hulp nodig hebben. Meestal geven ze hulp als mensen de huizen van huldufolk hebben vernield.”

Bjarni had het over dat elfen geen eeuwige ziel hebben, zoals mensen zouden hebben als we naar de hemel gaan.

“Bjarni en ik zijn het niet over alles eens en dat is het ook met ons mensen: wij hebben verschillende typen religie en je idee van een hemel is anders dan wanneer je gelovend bent opgevoed. Elfen, dwergen en huldufolk hebben allemaal verschillende religies. Er is een elfenvriend van me van wie zijn vrouw overleed. Hij legde me het verschil uit tussen een levende elf en een elf die is overleden. Zij heeft een ziel en ik heb met haar gesproken. Vandaar dat ik het niet eens ben met Bjarni, we hebben verschillende theorieën.“

Er zijn maar een paar mensen die elfen kunnen zien. Kan je het leren om elfen te zien?

“Nee, je moet een soort gave hebben in staat ze te zien. Ik weet niet anders dan dat ik ze altijd heb gezien. Mijn moeder heeft me verteld dat toen ik twee jaar oud was, ik voor het eerst vertelde over mijn vriendin Puta: een huldufolkvrouw. We waren beiden kinderen en speelden samen. We zijn nog steeds vrienden. Toen we hierheen verhuisden, kwam zij ook hierheen om bij een rotsrand te gaan wonen.”

Hoeveel verschillende elfen zijn er?

“Ik heb werkelijk geen idee, er zijn er zo veel soorten om ons heen. Er zijn wezens die bij bomen leven; een soort boomelfen. Zij worden in de lente wakker, helpen de boom met wakker worden en leven de hele zomer. Ze gaan pas slapen als de boom klaar is voor de winter. De boom heeft ook een soort ziel, waar je het hele jaar mee kan praten. Elke boom heeft andere elfen maar ook elke bloem heeft verschillende elfen.”