Het Noorse Nobelcomité heeft de Nobelprijs voor de vrede toegekend aan de Congolese gynaecoloog Denis Mukwege en de Irakese activist Nadiu Murad. Beiden hebben de afgelopen jaren gestreden tegen seksueel geweld tijdens oorlogen. Allebei ontvingen zij een gouden horloge en 870.000 euro.

Mukwege

Denis Mukwege is gynaecoloog en mensenrechtenactivist. Sinds 1999 is hij directeur van een ziekenhuis in Bukavu, een stad in Congo. Hier behandelt hij slachtoffers van seksueel geweld en groepsverkrachtingen. Mukwege vindt dat hier in Congo veel te weinig tegen gedaan wordt. Daarom manifesteert hij zich dan ook al jaren als felle tegenstander van de Congolose regering.

Tineke Ceelen is directeur van Stichting Vluchteling. Tijdens een van haar reizen als vluchtelingenhulp ontmoette zij Mukwege: “Ik ken hem sinds 2010, toen zocht ik hem op in zijn ziekenhuis in Congo. Zijn eerste patiënt was een krijsend meisje dat hij buiten op straat aantrof. Ze was verkracht en had haar bekken gebroken.”

Ceelen vervolgt: “Hij helpt de meisjes met het herstel, maar ook met psychologische verbetering en hij helpt hen zelfs op juridisch vlak. Een uurtje geleden heb ik hem gesproken, hij is ongelooflijk blij, in de war en geëmotioneerd. Hij vertelde me dat de meisjes en vrouwen in zijn ziekenhuis nu staan te springen en feesten. Hij is een voorbeeld.”

Murad

Nadia Murad is een jezidi mensenrechtenactiviste. Al op 23-jarige leeftijd won ze de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken. Jezidi’s zijn aanhangers van een religie waarin elementen van allerlei geloven terugkomen. Murad is door IS als seksslavin gebruikt en wist naar Europa te vluchten. Hier besloot ze haar leven te wijden aan het opkomen voor zichzelf en alle andere jezidi’s die slachtoffer zijn geworden van IS.