Gisteren rondde de Zweedse meubelgigant Ikea een project af waarbij 3 miljoen bomen werden geplant in Luasong, Borneo. Hele marketingcampagnes worden eraan verbonden en voor een aantal bedrijven is het zelfs een ‘unique selling point’ geworden. Maar door wie worden die bomen eigenlijk geplant?

Ikea noemt het een geschenk aan de wereld. Het was een poging om het vernielde regenwoud te herstellen. Bedrijven die er een hobby in tuinieren op na houden zijn geen uitzondering meer. Bijvoorbeeld de Search Engine Ecosia, zij claimen dat er gemiddeld per 45 zoekopdrachten een boom wordt geplant. Dat zouden er inmiddels bijna 44 miljoen zijn. 

Per kilometer een boom

Maar trekken die bedrijven hun marketingmanager achter z’n bureau vandaan om ergens in Azië een boom de grond in te stoppen? Nee. Dit gaat via stichtingen zoals het Joods Nationaal Fonds. Zij hebben in meer dan honderd jaar een oppervlakte bebost vergelijkbaar met de provincies Gelderland en Overijssel bij elkaar. Volgens directeur Rosenberg kloppen er regelmatig bedrijven aan. “Je moet dan denken aan bedrijven die bijvoorbeeld per kilometer die hun werknemers vliegen een boom willen planten. Zij komen dan naar ons toe, onze tak in Israël zorgt dan dat de bomen worden geplant.”

Impact en onderhoud
Bron: Joods Nationaal Fonds https://www.jnf.nl/wat-wij-doen/bomen/ Bebossing in Israël

De vraag is natuurlijk wat de impact van de bomen is op de omgeving. “De gebieden waar we te werk gaan waren voorheen kale heuvelachtige vlaktes. Als het dan regende ontstonden er modderstromen, waar de lokale landbouw enorm veel last van had. Door de bossen gebeurt dit niet meer. Ook ontstaat er een nieuw ecosysteem. Als je de bossen inloopt is alles groen, het is er een paar graden kouder en er zijn veel dieren. Vroeger was dit ook ons doel, het gebied helpen ontwikkelen. Inmiddels is dat verschoven naar duurzaamheid”, zegt Rosenberg. Voor stichtingen zoals het JNF was het onderhoud van de bossen een belangrijk leerproces. “In de begin jaren gebruikten we vooral  naaldbomen die geschikt waren voor het Midden-oosten. Echter hadden deze bomen een korte levensduur en er ontstond een monocultuur. Nu planten we verschillende soorten bomen wat de biodiversiteit bevorderd.”