bounceballen

Bounceballen op het gras kennen we wel, maar deze sport bestaat tegenwoordig ook op het ijs. In Eindhoven geven ze deze intensieve bezigheid en het is een hit. Veel mensen zien dit als een spel, maar volgens Robin van der Heijden, coördinator van het ijssportcentrum Eindhoven, is het toch echt een sport.

Volgens Robin is het Bounceballen té intensief voor een spelletje. ‘’Je bent eigenlijk gewoon aan het voetballen. Alleen dan ook nog eens op het ijs én met een bal om je heen die op zich ook nog redelijk wat weegt. Je doet eigenlijk niks als rennen, vallen, opstaan en weer opnieuw. Je staat geen moment stil.’’

Moeilijk maar leuk
‘’Het ijs heeft ook een hele grote rol hierbij. Als je Bounceball speelt op een grasveld dan geldt hoe groter en sterker, hoe beter. Als je met z’n tweeën bent en jij weegt 70 kilo, maar de andere weegt 90 kilo, dan maak je zeker geen kans. Op het ijs is dit niet zo. Het maakt dan niet meer uit of je een spierbundel bent, want je kan je niet zo goed afzetten om vervolgens hard te beuken. Het zorgt er eigenlijk voor dat iedereen gelijk is. Dat maakt het ook een stuk leuker, maar ook weer moeilijker.’’

Behoorlijk intensief
Het Bounceballen is dus erg intensief, maar laat de sport dan ook zo zijn sporen achter? Je loopt toch wel een uurtje of twee met een gigantische bal op je rug rond.
‘’Ik kan je wel verzekeren dat als je niks gewend bent, dat je zeker flinke spierpijn hebt de volgende dag. Het is natuurlijk een hele grote bal waar je in zit, je moet het eigenlijk zien als een gigantische rugzak die je vasthoudt. Dat zal je al voelen in je armen. Ook val je non-stop om en sta je weer op, dat kan je ook voelen in je benen. Door dit alles zweet je je ook echt kapot, de meeste  mensen houden dit geen heel uur vol. Er kwamen laatst jongens uit de hoofdklasse van het voetballen met hun team hier een uurtje spelen. Zij waren na een kwartier al helemaal kapot, en dat zijn dan wel mannen met een goede conditie.

Af en toe een omgezwikt enkeltje
Met zo’n ‘lompe sport’ als het ware verwacht je toch wel dat er af en toe iets fout gaat. Maar volgens Robin is dit helemaal niet het geval. ‘’We hebben wel eens een groep met wat lompere jongens uit de Achterhoek gehad die hier kwamen spelen. Ze wilden niks horen van de regels of de uitleg en ze begonnen gewoon. Er is toen een jongen geweest die van achteren een beuk kreeg en zich niet goed vasthield aan de beugels van de bal. Hij schoof dus vervolgens uit de bal met z’n hoofd tegen de muur aan. Die had een flinke bult naderhand! Maar dat is eigenlijk ook wel het enige wat er ooit fout is gegaan. Af en toe heeft er iemand last van een omgezwikt enkeltje maar ach, dat kan je op straat ook overkomen.’’

*Klik hieronder voor het filmpje!