Plofkippen die door onnatuurlijk gewicht door hun poten zakken, staartjes van varkens die zonder verdoving worden weggebrand en koeien die nooit zonlicht zien. Dit gebeurt zodat consumenten kiloknallers kunnen kopen. Goedkope producten zijn duurkoop voor de consumptiedieren. Duurzaam eten kost veel, maar waarom? En is dit het waard?

De week van 19 tot en met 25 oktober is door Dierenbescherming Nederland uitgeroepen tot Beter Leven Week. Deze actie is gewijd aan het Beter Leven Keurmerk. De dieren zijn op een goede manier behandeld daarom krijgt het vlees het keurmerk. Het doel is om de vee-industrie van binnenuit diervriendelijker te krijgen. De Dierenbescherming maakt afspraken met boerenbedrijven hoe ze hun dieren moeten behandelen. Als ze dit goed toepassen verdienen de boerderijen het keurmerk.

Controles

De controles worden onder andere gedaan door het bedrijf CoMore. CoMore kijkt of de boerenbedrijven voldoen aan de eisen voor het keurmerk. Freddy van der Sar, manager CoMore, zegt dat het best veel werk is om een veehouder te beoordelen. “De veehouderijen doen zelf een aanvraag om het keurmerk te krijgen. Eens per jaar controleren we de bedrijven. Soms doen we een extra steekproef. Voldoet het bedrijf niet aan de eisen, dan moet het bedrijf een aantal minpunten verbeteren. Om het keurmerk toch nog te verdienen, controleren we na deze verandering nog eens. Dit doen we door het bedrijf te bezoeken, of we laten de eigenaar facturen opsturen waarop wij zien dat bepaalde producten zijn gekocht. Bij de volgende controle zijn we wel oplettender.”

Sterren

Boeren kunnen sterren verdienen. Zo lopen vleesrunderen bij een boer met één ster minstens honderdvijftig dagen per jaar, acht uur per dag in de wei. Ook zogen de kalfjes drie maanden bij de moeder. Onthoornen en castreren gebeurt onder verdoving, met achteraf pijnbestrijding. Bij twee sterren mogen ze meer naar buiten en langer zogen.

Als een bedrijf zo diervriendelijk is dat ze drie sterren uitgereikt krijgen, hebben ze het beste bereikt. De runderen lopen dan minstens 210 dagen per jaar, twaalf uur per dag buiten. De kalfjes blijven zes maanden bij de moeder.

Supermarkten

Niels Dorland, persvoorlichter Dierenbescherming, is optimistisch: “We proberen de wereld te winnen. Er zijn nu zo’n twintig miljoen consumptiedieren die in een diervriendelijke omgeving leven. Toch zijn er nog vierhonderdvijftig miljoen dieren die het slecht hebben. We doen hard ons best om dit te bestrijden.” Het doel is erg groot, maar er is duidelijke groei te zien. Steeds meer supermarkten sluiten zich aan en doen tijdens de Beter Leven Week biologisch vlees in de aanbieding. “We hebben afspraken gemaakt met verschillende retailers. Zij hebben in hun krantjes volledige pagina’s gewijd aan het Beter Leven keurmerk. Het aantal deelnemende supermarkten blijft door de jaren heen groeien, wat erg goed is om te zien.”

 

Bannen bio-industrie

De Dierenbescherming wil de bio-industrie volledig uit bannen. Volgens Dorland is dit te optimistisch. “Er zijn altijd mensen die het allergoedkoopste vlees kopen. Nederland gaat op deze manier nooit biologisch vlees gaan eten. Natuurlijk krikken we onze doelen steeds verder op, om het beste te bereiken. Het is ons ook al gelukt om legbatterijen te bannen. Iedereen eet eigenlijk, bewust of onbewust, scharreleieren. Hier hebben we een tijdje terug ook actie voor gevoerd, wat zijn vruchten heeft afgeworpen.”

Goedkoop biologisch eten

Biologische producten staan bekend om hun hoge prijskaartje. Hier is de persvoorlichter het mee eens. “Door de goede zorg voor de dieren lopen de kosten op. Het is vrijwel onmogelijk om goedkoop biologisch vlees te eten. Toch kun je de overweging maken; je krijgt misschien minder vlees, maar weet zeker dat het goed is. Wat veel mensen, zoals studenten, ook doen is één keer in de week biologisch eten. Veel mensen doen dit voor een goed geweten, of omdat ze geen geld hebben om altijd vlees met het keurmerk te kopen.”

Biologisch eten met een studentenbudget from De Nieuwsredactie on Vimeo.Vimeo.