De ‘Asscher’ wet die vanaf 1 juli van kracht is gegaan, blijkt een tegenovergesteld effect te hebben volgens De Volkskrant. Het doel van de aangepaste regeling is dat werkgevers hun werknemers op een makkelijkere en goedkopere manier konden ontslaan, maar werkgevers moeten een flink dossier hebben om nu hun werknemers te mogen ontslaan.

Voorheen mochten werkgevers mochten een hele lijst van bezwaren aanleveren als bewijs om iemand te mogen ontslaan. Dit is niet meer toegestaan. “Als werkgever moet je daadwerkelijk kunnen aantonen dat jouw werknemer niet goed functioneert”, vertelt Femke van Zijst, woordvoerder van het FNV. Om een werknemer te mogen ontslaan, moet er ‘een feit eruit springen’ dat de werknemer niet goed genoeg werkt.

Tijdelijke contracten nu ook vergoed

Voor de vakbond is dit goed nieuws. “Als het voor een werkgever moeilijker wordt om iemand te ontslaan, staan we als vakbond vooraan om te juichen,” aldus van Zijst. Een van de redenen dat het ontslagrecht aangepast is, is dat nu ook werknemers met tijdelijke contracten recht op een vergoeding hebben. Eerst waren het alleen arbeiders met een vast contract die daar recht op hadden als ze ontslagen werden.

Minimale grens

Er is een minimale grens afgesproken tussen werknemer en werkgever om iemand te ontslaan. In het geval van ‘excessen’ bestaat er wel een grens, namelijk €75.000 of een jaarsalaris. “Dit komt niet veel voor, want de meeste mensen verdienen dat natuurlijk niet”, vertelt van Zijst.