Over voormalig Chakuriki trainer Thom Harinck verschijnt binnenkort een biografie, maar hij is vooral trots op zijn erfenis die zijn sportdiscipline na laat. Bij de introductie van zijn nieuwe boksstijl in de jaren 70 van de vorige eeuw heeft hij de sport veranderd. Van de favela’s tot Amsterdam hebben sporters trots het logo van zijn sportschool op hun lichaam om het respect en onderling samenwerken voor een goede toekomst te herdenken.

Zijn sportschool staat bij de regels die Harinck ook in het dagelijks leven belangrijk vindt. “Respect en samenwerken is altijd belangrijk, maar vechten blijft binnen de sportschool.” Pupillen van hem leven naar die code. “Tuurlijk had ik jongens van de straat in mijn sportschool, maar ik heb ook mannen met hoge functies. Voor iedereen gelden dezelfde waarden. Als jij die waarde niet nakomt spreek ik jou er op aan. Al heet je Badr Hari of ben je kampioen. In mijn school mag je vechten, daarbuiten niet.” Veel topvechters die hij trainde hebben een tattoo van zijn boksschool op hun lichaam als herinnering aan zijn denkbeelden. Trots is hij er op, maar aanmoedigen deed hij het nooit. “Ik heb ze nooit aangemoedigd om dat soort dingen te doen, want misschien zouden ze ooit spijt krijgen en dat wil ik niet.”

Hoogtijdagen van het kickboksen
In de topdagen van het kickboksen kwam er vanuit de Nederlandse sportjournalistiek heel weinig aandacht voor de sport. Harinck betreurt dit. “Onze jongens haalden goud op die toernooien. Neem het K1 toernooi in Japan van 1993. Er zat 65.000 man in het stadion, het werd groots uitgezonden door Fuji en wereldwijd gestreamd. Maar in Nederland kwam het niet verder dan wat kleine berichtjes in lokale bladen. Dat heeft alles te maken met het beeld van de sport.” Nederland kende net voor die periode juist haar beste periode in de sport. Gala’s en grote toernooien werden bezocht door veel Nederlandse topvechters. Ook uit de school van Harinck zijn veel grote namen voortgekomen zoals Badr Hari, Peter Aerts en Branko Cikatic.

Training
Harinck: “De jongens die ik trainde waren door mijn stijl heel allround opgeleid waardoor ze aan veel disciplines mee konden doen. Mijn stijl is dan ook een combinatie van veel verschillende soorten vechtsporten. Zo heb ik de stoten van het boksen gecombineerd met de trappen van het kickboksen en de mentale aspecten van oosterse vechtsporten. De stijl combineert de sterkste punten die ik kon vinden in verschillende disciplines tot een nieuwe stijl. En de vele sporters die met zijn stijl succes hebben behaald bewijzen dat de stijl effectief is”, zegt Harinck met een glimlach.

Gewerkt vanochtend met top talent Denise Kielholtz#trapkussens #kickboxing #muaythai #Chakuriki #

Een video die is geplaatst door Thom Harinck (@thomharinck) op

Beeld van de sport
Volgens Harinck hebben vooral hoger opgeleide mensen in Nederland een verkeerd beeld van de sport. “Zo heb ik ooit de collega’s van mijn vrouw, Marjan Olfers is actief in het voetbalrecht, getraind omdat het ze wel leuk leek. Maar zonder mijn vrouw durfden ze de sportschool niet in. Ze waren bang voor de jochies binnen. Toen ze uiteindelijk aan het trainen waren en mijn code zagen in de school kwam pas binnen hoe respectvol we met elkaar om proberen te gaan. Zo mediteren we met de jongens, nemen we de regels van de sportschool door en is er altijd de knuffel na de training”. Tegenwoordig heeft Harinck lang niet alleen maar jongens en meisjes van de straat in zijn school. “De sport is toegankelijk voor iedereen, jongens, meisjes, vrouwen, mannen, straatschoffies en professors”.

Hechte wereld
Het is dan ook een heel hechte wereld volgens Harinck. In heel Nederland kennen kickboksers en vechtatleten zijn gezicht en wordt hij benaderd. Ook in het buitenland is hij zeer bekend doordat zijn stijl is overgewaaid naar alle continenten. “Er is door een oud-leerling van mij een school geopend in de Brazilië en in de favela’s heb ik met kinderen gesproken die mijn sport beoefenen. Buiten Nederland is de sport veel beter gewaardeerd en bestaan er ook minder negatieve vooroordelen rond de sport.” Zijn oud-leerlingen houden ook contact met hem omdat sommige van hen aangeven dat ze ook buiten de sportschool veel hebben gehad aan de lessen.

Trots
Op de vraag waar hij heel trots op is wist hij ook direct een antwoord. “Veel mensen zullen denken dat ik nu ga vertellen over mijn kampioenen, en terecht want ze hebben waanzinnige prestaties bereikt. Maar nog trotser ben ik op de jongens die aangeven dat ze weer op het rechte pad zijn gekomen door onze regels. De jongens die uit het straatleven door zijn gegroeid naar goede banen omdat ze het respect wat ze hier hebben aangeleerd ook buiten de school zijn gaan toepassen. Zowel voor zichzelf als naar anderen.”