Het hele lichaam sterker maken, daar draait het om bij het uit Amerika overgewaaide crossfit. De relatief nieuwe sport kan in Nederland op steeds meer beoefenaars rekenen. Naar schatting zijn er het afgelopen decennium honderden crossfitters bijgekomen, bijvoorbeeld in Dongen.

In een ruime, koele loods vol trainingsrekken staat een gemêleerd clubje mannen met een uiterste krachtsinspanning gewicht te heffen. Kletterend vallen de gewichten op de grond. Even wachten en daar gaan ze weer; met een luid gekreun duwen ze de stangen omhoog. Drie van de vijf haken af. ,,Zo is het genoeg, goed gedaan!’’, roept de trainer die er rustig tussendoor loopt. De twee meest gespierde twintigers: ,,Ik wil meer, nog één setje!’’ Met een luid gekreun en een felle aanmoediging gaan de halters nog één keer de lucht in.

Functioneel
Het lijkt er misschien op, maar crossfit is geen fitness, geen atletiek en ook geen turnen. Wie de plaatjes van de boomstammen van armen van wedstrijdcrossfitters bekijkt, zou als eerst kunnen denken dat het bodybuilders zijn. ,,Maar daar heeft het niets mee te maken!’’, zegt trainer Kjell van der Waals stellig. ,,Een bodybuilder zou crossfit niet eens leuk vinden. Bij bodybuilding draait alles om het vergroten van je spieren. Crossfit is puur functioneel. Wanneer je bijvoorbeeld een deadlift doet, beweeg je hetzelfde als wanneer je een boodschappentas oppakt. Functionaliteit is naast variatie en hoge een intensiteit een de sleutelbegrip bij crossfit. Er is geen betere sport om je lichaam te trainen.’’

Amerika
Vijf jaar heeft Van der Waals in Amerika gewoond, voordat hij vorig jaar terugkwam en samen met vriendin Annemieke crossfitvereniging Uphold oprichtte, in Dongen. Hij is één van de vele trainers die deze Amerikaanse vorm van fitness in Nederland aan de man probeert te brengen. Volgens een woordvoerder van de officiële Nederlandse competitie The Tiglon Series is crossfit de afgelopen zeven jaar explosief gegroeid. ,,Er zijn weinig officiële cijfers bekend, maar het aantal crossfit-boxen (dat zijn een soort accommodaties) in Nederland is in te schatten op 150, terwijl daar in 2009 nog maar één van was.’’ Nederland haalt het daarmee niet bij Scandinavië en de Verenigde Staten, maar loopt redelijk voorop in Europa.

Op een interactieve kaart van de internationale site CrossFit.com zijn het aantal verenigingen wereldwijd in kaart gebracht.

‘Geen muscle man’
In Dongen is lang niet iedereen zo ver om wedstrijden te spelen en dat hoeft ook helemaal niet, zegt Van der Waals. Hij geeft begeleiding aan ervaren sporters, maar ook geïnteresseerde huis-tuin-en-keukensporters van jong tot oud. Zelfs kinderen vanaf 5 jaar doen crossfit in Dongen, op speelse wijze weliswaar. ,,Iedereen kan het’’, zegt Van der Waals. ,,Als je net begint, zijn de gewichten lichter.’’ Daan van Eersel, een veertiger uit Dordrecht, oefent na de training nog even de bewegingen van het gewichtheffen, met een gewichtsloze buis. Hij is enkele weken geleden begonnen. ,,Het is de bedoeling dat je eerst de bewegingen goed leert’’, legt hij uit. ,,Ik hoef niet zo zeer een ‘muscle man’ te worden hoor. Dit voelt gewoon lekker. Het is socialer dan de sportschool, waar de meeste mensen op zichzelf bezig zijn. Daarnaast kan iedereen meedoen op een eigen niveau. Natuurlijk moet je gewoon gaan hardlopen als je daar meer aanleg voor hebt, maar ik kan dit zeker aanraden.’’

Levensstijl
In competitieverband is dat precies het tegenovergestelde, vertelt Tim Roovers (22), die de sport ruim een half jaar beoefent en overweegt deze zomer deel te nemen aan het Beachthrowdown-toernooi in Zandvoort. ,,Als je drie keer per week traint, hoef je echt niet heel je levensstijl aan te passen. Maar als een wedstrijd gaat spelen, moet je daar echt naartoe leven. Je moet dan goed eten, in ieder geval vijf keer per week trainen en drie dagen van te voren rust houden. Uiteindelijk draait het erom wie de zwaarste oefeningen het snelst uitvoert.’’