Het irritantste dat een medereiziger in de trein kan doen is het bezet houden van een tweede zitplaats met een tas. Dat blijkt uit een enquête van de Nieuwsredactie over asociaal gedrag van medepassagiers. Ook gepraat in de stiltecoupé kan niet op veel begrip van reizigers rekenen.

Uit onderzoek van de Nieuwsredactie onder zeventig mensen op station Tilburg en in de trein tussen Tilburg, ’s-Hertogenbosch en Oss blijkt dat het bezetten van twee zitplaatsen niet het enige pijnpunt is voor reizigers. Praten in de stiltecoupé, het voeren van luide telefoongesprekken over privézaken en harde muziek die voor de hele coupé hoorbaar is zorgen ook voor irritatie.

 

Maaike reist dagelijks met de trein van Oss naar Eindhoven. Ook zij ergert zich kapot aan medereizigers die met hun tas een tweede zitplaats innemen. “Ze willen per se alleen blijven zitten. Daardoor moeten mensen soms staan, terwijl er wél plek is. Die tas hoort daar helemaal niet te staan als het druk is.”

Boos en chagrijnig

Zelf is Maaike assertief genoeg om medereizigers aan te spreken, maar ze beseft dat de drempel voor anderen hoog kan zijn. “Regelmatig hebben ze oordoppen in, je moet blijven zeuren. Niet iedereen durft dat aan.” Sommige reizigers reageren dan ook niet respectvol wanneer ze hun tas op de grond of in het bagagerek moeten leggen. “Meestal halen mensen hun tas uiteindelijk wel weg, maar ze kijken zo boos en chagrijnig… Ik snap wel dat sommige reizigers geen zin hebben in dat gedoe.”

WP_20160601_17_08_28_Pro

Voor conducteur Roelof zijn veel irritaties van reizigers herkenbaar. “Veel mensen die ergens op worden aangesproken, doen alsof ze niets in de gaten hebben. Sommigen luisteren niet naar medereizigers, maar houden direct op als ik ze erop aanspreek. Als ze dan nog moeilijk doen, dreig ik met een boete van 280 euro voor het niet opvolgen van aanwijzingen. Ik deel deze zelden uit, maar ermee dreigen werkt vaak al.”

Kinderen en huisvrouwen

Roelof merkt op dat hij vooral in de stiltecoupé moet ingrijpen. “Vooral in het weekend zijn er ouders met kinderen en huisvrouwen die normaal nooit met de trein gaan. Die weten oprecht niet wat een stiltecoupé is en zorgen dan voor overlast. Die krijg je gewoon niet stil, ook niet wanneer zowel reizigers als ik hen erop aanspreken.” Voor mensen die de stilte écht nodig hebben om te werken of studeren, heeft hij een speciale oplossing. “Als het gewoon niet lukt om een grote groep mensen stil te krijgen, zeg ik af en toe tegen hen: kom maar mee, voor deze keer mag je in de eerste klas zitten.”

Wel vindt Roelof dat reizigers vaker hun verantwoordelijkheid moeten nemen. “Het zijn zulke simpele dingen. Als iemand mij vraagt of ik iemand wil aanspreken die in de stiltecoupé aan het praten is, vraag ik of diegene het zelf al geprobeerd heeft. Meestal is dat niet het geval. Eerst moeten ze het zelf proberen, ik spring bij als dat niet lukt.”