Door Jacco Stoete
In Hoeksche Waard starten veertig basisscholen dit schooljaar met een nieuw project om laaggeletterdheid en dyslexie op vroege leeftijd tegen te gaan. Leerlingen met leesproblemen krijgen in groep 2 en 3 al extra begeleiding. Op basisscholen in Tilburg is het project ook al getest.

Het nieuwe project is gebaseerd op ‘Bouw!’, een interventieprogramma ontwikkeld door de Universiteit van Amsterdam. De unieke aanpak houdt in dat de scholen vrijwilligers zoals ouders, grootouders en soms oudere leerlingen inzet om de kinderen met een leesachterstand te ondersteunen. De oefeningen kunnen online gemaakt kunnen worden en de tutors krijgen daarbij duidelijke begeleiding van het programma. De scholen zelf worden ook begeleid om het programma zo effectief mogelijk in te zetten.

Er zijn binnenkort bijeenkomsten in Tilburg over de resultaten van preventieprogramma ‘Bouw!’. ‘’De meningen over ‘Bouw!’ zijn verdeeld’’, vertelt intern begeleider van basisschol Stelaerthoeve, Bernice Schilders. ‘’Het programma kost veel extra handen en maakt gebruik van ouders, vrijwilligers en soms ook leerlingen uit groep 8. Terwijl daar beter direct deskundigen ter begeleiding ingezet kunnen worden. De tijdsinvestering van de vrijwilligers is ook heel groot.’’ Volgens Schilders is het nu lastig om die deskundigheid in te zetten. ‘’We kunnen moeilijk al onze deskundigheid op groep 2 en 3 focussen en de oudere groepen minder aandacht geven.’’

Laaggeletterdheid is in Nederland een groot probleem. Een kwart van de leerlingen verlaat de basisschool met een leesachterstand van twee jaar of meer. De aanpak van laaggeletterdheid moet actiever en scholen wachten nu nog te vaak af tot het kind al een leesachterstand heeft opgelopen. De wetenschappelijk onderbouwde methode moet ertoe leiden dat het aantal zwakke lezers en diagnoses dyslexie met 60-65% afneemt.