Wie zijn spijkerbroek bij de Coolcat, The Sting of WE Fashion koopt, kan er vanuit gaan dat die kleding onder slechte omstandigheden is gemaakt. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van Schone Kleren Campagne, dit keer gericht op Nederlandse merken.

Slechte arbeidsomstandigheden in de kledingindustrie zijn al jaren een wereldwijd probleem. ‘’We horen vaak slechte verhalen over grote, internationale bedrijven, maar hoe zit het in Nederland?’’ Dat was de onderzoeksvraag van de organisatie Schone Kleren Campagne (SKC). Tara Scally, persvoorlichter van (SKC) licht de werkwijze van het onderzoek toe: ‘’Arbeiders van dit soort fabrieken werd gevraagd het kledingmerklogo aan te wijzen waar zij voor werken.’’ Daaruit kwamen de Nederlandse merken The Sting, G-Star en MEXX. De tien gevonden fabrieken zijn een doorsnede van de industrie. ‘’Andere bedrijven kunnen ervan uitgaan dit ook bij hen gebeurt.’’

Het grootste punt van de organisatie is het zorgen voor een leefbaar loon. ‘’Als je niet genoeg verdient, heb je niet genoeg geld voor een huis, stromend water, drinkwater, gezond eten etc. Maar bovenal: kinderen kunnen niet naar school en hebben dus geen kans op een betere werkplek.’’

Daarom roept de campagne mensen op om een online petitie te tekenen. Hierin wordt onder meer gepleit voor een openbare lijst van productielocaties van Nederlandse kledingmerken en een leefbaar loon voor alle kledingarbeidsters. Maandlonen van arbeiders verschillen van €65,00 (G-Star) tot €99,50 (The Sting). Het aantal werknemers op de locatie varieert van 500 (McGregor) tot 3000 (C&A).

Coolcat laat in hun reactie weten dat ze niet wisten dat hun bedrijf daar onder slechte omstandigheden produceert. Volgens Schone Kleren Campagne laat dat precies zien hoe niet-transparant de kledingindustrie is. ‘’Zolang er geen transparantie is, is het moeilijk om te achterhalen.’’