Ongetraind kunnen de schaatsers natuurlijk niet verschijnen voor het wedstrijdseizoen wat voor de deur staat. Maar hoe bereiden de ijsfanaten zich in de zomer voor op races die ze in de gure winterkou strijden? 

Een van de spannendste schaatswedstrijden zijn de shorttrackwedstrijden. Bij deze specifieke schaatstak sjezen schaatsers met meer dan vijftig kilometer per uur rond de 111,11 meter lange baan. De wedstrijden zijn onvoorspelbaar en spannend; een valpartij kan alles veranderen.

Prinsen op de baan

Mark Prinsen schaatst in het shorttrack team van Nederland en hoopt naar de olympische spelen in 2018 te mogen, waar hij een goede kans op maakt. Hij legt uit hoe hij zich in de zomerperiode voorbereidt op het wedstrijdseizoen: “Na de laatste wedstrijd van het seizoen nemen we eerst een maand rust, zo rond april. Daarna beginnen we met duurtrainingen op de fiets. Ook skeeleren we dan en hebben we krachttrainingen in de sportschool. Daarnaast is er ook nog zomerijs, zodat we ook gewoon op ijsbanen kunnen schaatsen, zowel shorttrack als langebaanschaatsen. Dat is wat Sven Kramer doet.” Ook ijshockeyt het team. Leuk voor afwisseling en goed voor de behendigheid.

Hiernaast gaat het team van Prinsen ook nog naar trainingskampen in onder andere Frankrijk, Oostenrijk, en Duitsland. Deze duren van enkele dagen tot wel drie weken. Daar trainen ze door bijvoorbeeld lange tochten door de bergen te fietsen.

Ze trainen dagelijks. Naar mate het wedstrijdseizoen dichterbij komt, worden de trainingen korter, maar intensiever. “Op die manier bereid je je lichaam voor op de wedstrijden. We trainen, zeker in het wedstrijdseizoen, wel meer dan twintig uur per week. Maar zondag hebben we een rustdag,” aldus Prinsen. Wie weet zien we Mark Prinsen terug op televisie in Zuid-Korea over twee jaar!