[two_third]

Homoseksueel zijn en sporten, gaat die combinatie samen? Hoe homo-tolerant Nederland zich ook profileert, 1 op de 6 homoseksuelen voelt zich niet veilig op zijn of haar eigen sportvereniging. Organisaties voor homo-emancipatie hebben een lange weg te gaan en onderzoekers tonen weinig positieve resultaten. Buitengesloten spelers vinden de oplossing in speciale homoverenigingen, maar draagt dit bij aan meer begrip of zorgt dit voor meer afstand? De Nieuwsredactie over de roze wolk van de Nederlandse sport. 

Augustus 2013, in het RTL-programma Voetbal International doet analiticus René van der Gijp spraakmakende uitspraken over homoseksuelen in de voetbal. Volgens Van der Gijp is ‘voetbal niks voor homo’s, omdat die liever ‘s weekends in een kapperszaak werken’. De oud-voetballer krijgt bakken met kritiek over zich heen en ziet zich genoodzaakt zijn uitspraken terug te nemen. Van der Gijp ‘heeft de uitspraken nooit zo bedoelt’ en zouden ‘uit de context zijn gehaald’.

Ondanks de nuancering van Van der Gijp brak er een hevige discussie los. Homo’s in de amateur- en topsport komen zelden à weinig uit de kast. Topsporters die toch uit de kast komen, doen dit vaak na beëindiging van hun carrière. Volgens verschillende organisaties moet hier verandering in komen. Karin Blankenstein, zus van homoseksueel oud-scheidsrechter John Blankenstein, ziet drie jaar na de uitspraken van Van der Gijp nog weinig verandering. Voor haar werk voor de John Blankenstein Foundation zet zij zich in voor meer homo-emancipatie in de sport, maar die missie heeft nog een lange weg te gaan. Ook onderzoekster Agnes Elling doet al jaren onderzoek naar homo-emancipatie in de sport en ziet dat verandering daarin nog nodig is.

Het kan ook anders
Niet alle coming-outs in de voetbal worden negatief opgevangen. Mitchell Janssen (21) vertelde zonder schroom tegenover zijn teamgenoten over zijn homoseksualiteit.mitchell

“Mijn teamgenoten reageerden superfijn. Ik begon op mijn vijfde met voetballen en rond mijn zestiende kwam ik erachter dat ik meer met jongens had dan met meisjes. Mensen in mijn omgeving hadden dat ook al een beetje door. Mijn teamgenoten vroegen af en toe ook of ik op jongens of meisjesviel. Ik heb daar nooit problemen mee gehad. Je moet gewoon zijn wie je wil zijn, vind ik. Toch was m’n coming-out nog best spannend. Ik vertelde aan het einde van de training tegen m’n team dat ik al twee jaar een relatie met een man had en dat we binnenkort gaan trouwen. Iedereen begon te klappen en ik kreeg een persoonlijke felicitatie van iedereen. Dat ik mijn trainer had gebeld en het bekend had gemaakt was toch even een ding. Als ik een vriendin had gehad, was dat nooit nodig geweest. Er worden in het team nog steeds wel grappen gemaakt, maar daarkan ik wel om lachen. Door m’n coming-out heb ik toch een soort gunfactor gekregen binnen het team.”

[VIDEO] [/two_third] [one_third]

[/one_third]