Grand Slam-winnares Juul Franssen is door de Judobond uit het Nederlandse judoteam gezet. Op dit moment heeft NOC*NSF Franssen haar A-status (en de financiële ondersteuning) opgezegd. De 27-jarige judoka kijkt naar een manier om toch op de Olympische Spelen te kunnen staan. 

“Ik heb een hoop stress en mijn telefoon gaat de hele dag. Mijn hele leven staat op zijn kop. De focus ligt nu niet op de judomat, maar op de randzaken ernaast. Dat de judobond een potentieel medaillekandidaat in Tokyo zomaar laat gaan begrijp ik niet. Momenteel sta ik op nummer zes in de wereldranking en ik heb net de Grand Slam gewonnen. Vorig jaar pakte ik zilver op de World Masters in Mexico, waar de 16 beste judoka’s van de wereld verschenen. Ik wil er nog steeds voor gaan.”

Trainingscomplex Papendal

Na tegenvallende prestaties op de Olympische Spelen in 2012 (en later ook in 2016) besloot de judobond de topsport te centraliseren. Op Nationaal Sportcentrum Papendal zijn topsporters en trainers samengebracht. ‘Dit moet er voor zorgen dat de prestaties omhoog gaan’, zo laat een voorlichter van Judo Bond Nederland weten. De bond wil dat zijn sporters fulltime op trainingscomplex Papendal in Arnhem trainen. ‘Alle sporters onder hetzelfde dak zorgt voor meer controle op de sporters, meer kennisoverdracht en het is goedkoper voor de bond.’ Ook stelt de judobond dat trainen op Papendal, trainen met de beste judoka’s betekent. Volgens Juul Franssen klopt dit niet. “Onze Olympische Sporters zitten niet op Papendal, hoor. Volgens mij zijn dat de beste judoka’s van ons land. Alleen Frank de Wit traint op Papendal, maar zijn trainer werkt daar. Dan is de keuze makkelijk gemaakt.”

“De trainersstaf op Papendal is op dit moment nog niet helemaal bekend. Hoe kunnen ze van mij verwachten dat ik afscheid neem van mijn trainers als nog niet duidelijk is wat ik daarvoor terugkrijg? Dan is het  veelgevraagd om alles op te geven wat ik heb en een studieschuld voor lief te nemen,” aldus de 27-jarige judoka.

De trainer

Wanneer Franssen volledig op Papendal was gaan trainen had ze haar trainer, Mark van der Ham, vaarwel moeten zeggen. Dat wil ze niet – ze heeft een goede band met haar trainer. “Als individuele topsporter is het team om je heen essentieel. In oktober 2015 kreeg ik een grote klap te verwerken toen mijn huwelijk voorbij was. Ik had dit niet zien aankomen. Ik ben er sterker uitgekomen en dat is mede aan mijn trainer Mark te danken. Die vertrouwensband is heel waardevol, ik was mijn vertrouwen in mijzelf en anderen toentertijd kwijt.heb een individueel traject richting Tokyo 2020; een goed traject, samen met Mark van der Ham en Hans Kroon. Ik weet dat dit het beste traject voor mij is, maar omdat zij niet in het circuit van het Nationaal trainingscentrum in Papendal zitten, mocht ik niet met ze werken van de judobond.”

De opleiding

Franssen moet snel afstuderen op haar opleiding Sociaal Pedagogische Hulpverlening, om zo een hoge boete te voorkomen. Deze opleiding zit in Rotterdam en wordt niet in Arnhem aangeboden. Hierom trainde ze slechts twee dagen mee op Papendal, de andere dagen traint ze in haar woonplaats Rotterdam. De judobond reageert hierop met: “Of onze sporters hun opleiding kunnen vervolgen na een verhuizing naar Papendal, verschilt van persoon tot persoon. Het lukt vaker wel dan niet – daarom zitten hier nu al meer dan 50 judoka’s. Maar het is niet altijd zeker dat dit lukt. Daarom gaan we met alle individuele sporters in gesprek om te zoeken naar een oplossing.”

Hoe nu verder?

Bij Juul Franssen kwam er geen oplossing: “Ik hoorde het op 20 december. Die dag had ik een gesprek met de bond over mijn voorstel om een alternatief trainingsprogramma te volgen. Dit liep anders. Ik kreeg te horen dat de judobond niet meer met mij op zoek wilde naar een uitkomst. Zo mag niet meer meedoen met internationale wedstrijden en ik verlies mijn A-status als sporter,” aldus de judoka.

Juul Franssen is niet het type dat zomaar de handdoek in de ring gooit: “Uiteraard ben ik blijven trainen. Mijn doel is Tokyo 2020 – die droom laat ik niet van me afpakken. Ook heb ik contact opgenomen met NL Sporter, de onafhankelijke belangenorganisatie voor topsporters. Zij hebben mij een advocaat toegewezen en samen kijken we nu wat onze juridische mogelijkheden zijn. Hoe dit afloopt kan ik niet zeggen.” 

Het buitenland

“Uitkomen voor een ander land (zoals Linda Bolder voor Israël of Esther Stam voor Georgië) is een optie. Maar voorlopig ben ik daar niet mee bezig. Natuurlijk kom ik het liefst uit voor Nederland en daar richt ik ook mijn pijlen op.”