De wereld van de wetenschap staat op z’n kop. Waar de ene helft van de wereld onderzoekers liever kwijt dan rijk is, kan de andere helft van de wereld niet er niet genoeg van krijgen.

Door Maartje Cooijman & Jedrek Nadobnik

Sinds de inauguratie van president Donald Trump is het muisstil op de Amerikaanse twitterpagina’s van wetenschappelijke agentschappen en instituten. Organisaties die zich bezighouden met klimaatverandering, moeten tegenwoordig toestemming vragen aan de Amerikaanse overheid om te praten met de pers. En die toestemming wordt maar zelden geven. Trump is namelijk een klimaatontkenner.

De net gekozen Franse president Macron uitte kritiek op het beleid van Trump en raadde hij alle wetenschappers aan om naar Frankrijk te komen. Tijdens zijn verkiezingsbijeenkomst in februari zei hij dan ook dat degenen die voor innovatie en uitmuntendheid zorgen in de VS, vanaf mei welkom zijn in het nieuwe ‘thuisland’: Frankrijk.

Ook Nederland wil verandering zien. In 2014 maakte het kabinet een plan om de wetenschap een boost te geven, zodat Nederland weer aan de top van wetenschap en innovatie komt te staan. Dit project duurt tot 2025.

Gouden Eeuw
Ons land kent een rijke geschiedenis van innovatieve ontdekkingen. In de Gouden Eeuw was Nederland hét epicentrum van handel, kunst, kennis en geleerdheid. Namen als Christiaan Huygens en Antoni van Leeuwenhoek maakten toen enorme impact en waren het hoogtepunt van de wetenschappelijke revolutie. Wist jij dat de volgende uitvindingen van Nederlandse bodem zijn?

Nederlandse wetenschapsvisie
Het kabinet maakte in 2014 plannen om die glorie uit het verleden te doen herleven. Aicha Lubbinge, woordvoerder van minister Jet Bussemaker (OCW), zegt dat Nederland aan de top staat op het gebied van wetenschap, maar wel dat er flink wat verbeterd moet worden.

“We doen het wel heel goed in Europa; we stimuleren projecten op universiteiten en we hebben de nieuwe Nationale Wetenschapsagenda en subsidies om de wetenschap te bevorderen.”

Om de positie van Nederland te verbeteren, kwam de overheid met de Wetenschapsvisie 2025. Ze wil dat de Nederlandse wetenschap internationaal een vooraanstaande rol speelt. Haar visie is dat Nederland in 2025 een broedplaats voor talent is. De wetenschap moet daarom meer verbonden zijn met de maatschappij én het bedrijfsleven. Zo wordt de Nederlandse wetenschap weer van wereldformaat.

Om dit te bereiken heeft de overheid met een groep geleerden een agenda opgesteld. Daarin staan de toekomstplannen voor de Nederlandse wetenschap genoteerd. Er komt meer geld vrij – jaarlijks vijftig miljoen euro extra – voor de wetenschap, onderzoeken worden toegankelijker voor publiek en samenwerking tussen wetenschappers wordt toegejuicht.

Why so serious?
Een plek die vooruitloopt als broedplaats voor talent is de High Tech Campus in Eindhoven. Daar sprak de Nieuwsredactie met het bedrijf Hulan. Dat gebruikt de wetenschap om mensen spelenderwijs te laten leren. Een principe dat serious gaming heet. Dit concept zien we niet alleen in het onderwijs, maar ook in de ruimtevaart. Nederland draagt dan ook een steentje bij aan vele ruimteprogramma’s. Het Netherlands Space Office (NSO) vertegenwoordigt ons land daarin.

De jonge generatie
Nederlandse kinderen komen van jongs af aan in aanraking met techniek en kennis. Speciale initiatieven willen dit nog meer stimuleren. Om de jongere generatie te interesseren voor wetenschap, werkt het NSO samen met NEMO Science Museum. Daar kunnen kinderen scheikundige en natuurkundige proefjes doen. Zo kunnen zij spelenderwijs leren.

Een soortgelijke plek is de Ontdekfabriek in Eindhoven. Daar zijn techniek en jongeren ook het uitgangspunt. Samen met initiatieven zoals Tilburg University Junior brengen zij jongere generaties in aanraking met wetenschap. En dat doen ze niet voor niets.