Afgelopen maandag werd bekend dat wielrenner Antwan Tolhoek naar de Wereld Kampioenschappen in Innsbruck mag. Na het fietsen met Dumoulin in de Tour de France moet dit ook wel lukken, toch? De 24-jarige heeft er vertrouwen in.
Vonne van der Duijn Schouten

Het enthousiasme heeft hij wel, maar hoe zit het met de spanning voor de grote race? “Die is er eigenlijk niet. Ik weet wat ik kan en welk niveau er nodig is om zo’n wedstrijd te winnen, dus in dat opzicht ben ik voorbereid.” Naast de naam ‘Tom Dumoulin’, weten veel Nederlanders vaak geen bekende renners te noemen. Hij zegt hierover: “Ik vind het helemaal niet erg om in zijn schaduw te staan, dat is maar goed ook. Tom is iets ouder dan ik en het is daarom ook zeker niet erg. Maar topman worden is natuurlijk mijn droom.”

 

Sportcarrière

Pas rond zijn vijftiende begon Tolhoek met het opbouwen van een sportcarrière. In het begin leek het er niet op dat hij in de voetsporen van zijn vader, Patrick Tolhoek, zou treden. Deze is professioneel wielrenner en heeft zelfs een aantal keer de Tour de France gereden. “Ik begon met schaatsen en zat in een opleidingsploeg van de grote marathons”, aldus de Zeeuw. “Lange afstanden op het ijs vind ik misschien nog wel mooier dan het wielrennen.”

Toen hij afstudeerde aan het Johan Cruyff College in Roosendaal, moest er een keuze gemaakt worden. Lange afstanden schaatsen is leuk, maar wedstrijden zijn er niet heel veel. “Ik kan het niet opbrengen om een heel jaar te werken en maar een paar races te rijden”, legt Tolhoek uit. “Met fietsen kan ik wel het hele jaar doen wat ik leuk vind en daarbij ook mijn brood verdienen.”

Over zijn carrière na het wielrennen probeert hij nog zo min mogelijk na te denken. Hij wil nog veel bereiken, dus over een pensioen praat hij nog zeker niet.