In 2017 pleegden maar liefst 81 jongeren tussen de 15 en 19 jaar zelfmoord. Een kwart hiervan komt uit Noord-Brabant. Het aantal zelfdodingen bij jongeren blijft stijgen, dat blijkt uit een onderzoek van de NOS. In 2016 namen 48 jongeren hun eigen leven af. Wat doet onze samenleving eraan om te voorkomen dat er volgend jaar nog meer jongeren zelfmoord plegen?

Op verschillende opleidingen in Nederland vinden al preventietrainingen plaats. Docenten krijgen trainingen over hoe ze vragen moeten stellen aan jongeren die met zichzelf in de knoop zitten. Zo ook op de ROC opleidingen in Tilburg. “Iedere leerling heeft bij ons een SLB’er waar ze terecht kunnen als ze een probleem hebben”, vertelt Gerard Sanberg, Marketing en Communicatie medewerker bij ROC Tilburg. “Ook krijgen sommige docenten scholing in het herkennen van problemen bij onze studenten. Dit gebeurt via interne scholingen.”

Landelijke preventie

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) maakte in 2013 afspraken met landelijke partijen zoals Stichting 113 Zelfmoordpreventie en GGZ Nederland. Hun gezamenlijke doel is om de groei in het aantal zelfmoorden in Nederland te verminderen. De VWS zorgt ook voor de financiering van Stichting 113 Zelfmoordpreventie. Dit zodat zij 24/7 hulp en ondersteuning kunnen bieden aan suïcidale mensen, hun naasten, andere betrokkenen en nabestaanden. Ondanks dit alles blijft de lijn van zelfmoord bij jongeren stijgen.

Suïcidepreventieproject
GGz Breburg heeft samen met vier andere GGz-instellingen en ketenpartners deelgenomen aan een ambitieus suïcidepreventieproject, namelijk het SUPREMOCOL (Suïcide Preventie door Monitoring en Collabarative Care). Dit project is gericht om het aantal zelfdodingen in Noord-Brabant met minstens 20% te laten dalen. “Het project heeft wat tijd nodig, maar ik denk dat er zonder dit project nog meer zelfmoorden waren geweest”, vertelt Jody van der Helm, werkzaam bij GGz Breburg. “Ook geven we voorlichtingen via sociale media. We willen het luchtig houden zodat de doelgroep het ook daadwerkelijk ziet en snapt.”