Je ziet ze steeds vaker voorbijkomen op het nieuws: drones. Vaak in nare oorlogssituaties of andere ellende, maar er is ook een andere kant. Dagelijks vliegen met veel plezier namelijk ook honderden hobbyisten met hun drone. “Het is net alsof je uit je lichaam stapt in een andere wereld waarin je zo vrij bent als een vogel”, vertelt professioneel dronepiloot Andreas Klein. 

Afgelopen weekend vond in een hangar in Katwijk een ongekend groot drone-spektakel plaats. Tijdens DroneClash namen internationale teams het met zelfgebouwde drones tegen elkaar op. Gevangen in een grote kooi en onder aanmoediging van het publiek probeerden de deelnemers elkaar uit de lucht te halen. Daarbij was bijna alles geoorloofd: van elektriciteitsstoten tot luchtgeschut. De inzet? 50.000 euro aan prijzengeld.

“Dit zie je nergens in Europa en zeker niet op deze schaal”, vertelt Johan van Eijk, promoter bij DroneClash en eigenaar van drone-evenementenbedrijf Rotorlife. “Het is echt een heerlijke chaos. Vlammenwerpers, een kanon dat tennisballen schiet, rookmachines, niets is te gek”. De publiekstrekker was echter de Tesla Coil: een gigantisch elektrisch wapen wat zo uit Star Trek lijkt te komen.

Ooit bedacht in de studentenvertrekken van de TU-Delft is DroneClash inmiddels serious business geworden. De politie en het Ministerie van Defensie werken mee aan het evenement, waardoor het naast entertainment brengen ook nog een maatschappelijke functie heeft. Zo’n vlammenwerper is natuurlijk leuk, maar als het niet werkt tegen een zwerm drones sta je natuurlijk mooi voor schut als Defensie zijnde.

Razendsnel spektakel

Een andere tak van drone-entertainment die steeds groter wordt in Nederland is droneracing.

Het idee doet denken aan de hightech races uit Star Wars.  Twee drones racen achter elkaar aan, zo dicht bij elkaar als mogelijk. Ze vliegen door poortjes, over een pad en tussen de bomen door. De futuristische onbemande vliegtuigjes halen daarbij snelheden die op kunnen lopen tot wel 140 k/m per uur. In minder dan een seconde, wel te verstaan.

De piloten beleven die actie alsof ze zélf in de drone zitten. Via een speciaal soort bril zien zij alles door de ogen van de drone. Je kijkt dus niet vanaf een afstandje hoe hard je gaat: je zit echt middenin de actie en voelt iedere looping en iedere crash. Want met zulke snelheden gaat er natuurlijk ook wel eens iets mis.

Tekst gaat door onder de foto

Afbeelding kan het volgende bevatten: een of meer mensen
Andreas Klein (15) met een zogenaamde FPV-bril

Toch staat de fun in droneracing altijd centraal, voor zowel racers als publiek. Nederland heeft daarbij net als andere Europese landen een groeiende community van fanatieke piloten. De 15-jarige Andreas Klein behoort tot de harde kern hiervan. Als één van Nederlandse beste dronepiloten zet hij zichzelf al een tijdje op de kaart tijdens verschillende toernooien, waaronder het Nederlands Kampioenschap Drone Race.

“Het vetste aan droneracen is het gevoel dat je vliegt, je waant je echt even in een andere wereld”, vertelt hij enthousiast. “Het is een razendsnel spektakel, ook voor het publiek. Die zien piloten echt tot het uiterste gaan en in tegenstelling tot bijvoorbeeld Formule 1, is er geen team om te helpen als het mis gaat.  Alles staat of valt bij de piloot.”

Zelf proberen?

Voor wie zelf een keer de drone-lifestyle wil ervaren heeft Andreas ook nog wel een aantal tips. “Drones worden steeds goedkoper en toegankelijker, maar om een echte racedrone te bouwen heb je wel nog steeds onderdelen en een soldeerbout nodig”. Hij raadt vooral aan om een paar YouTube-tutorials te volgen om in het wereldje te komen. Ook Johan nodigt jongeren van harte uit om een kijkje te komen nemen bij een drone-evenement. “Maar meedoen is nog leuker!”, zegt hij met een glimlach.