Het aantal abonnementen op videostreamingsdiensten is voor het eerst groter dan het aantal abonnementen op traditionele televisie, zo meldt de Motion Picture Association of America (MPAA). Directeur Sjoerd Pennekamp van Stichting Kijkonderzoek stelt desondanks dat het niet slecht gesteld is met de Nederlandse televisie.

Ondertussen zijn er volgens de MPAA zo’n 613 miljoen abonnementen op een online streamingsdienst afgesloten. Dat is een toename van maar liefst 27% in een jaar. De ‘nog maar’ 560 miljoen abonnementen op kabeltelevisie leveren, met 188 miljard euro, nog wel steeds de meeste omzet op.

Het is niet duidelijk of televisiekijken daadwerkelijk een zeldzame bezigheid wordt. Pennekamp denkt van niet en is gematigd optimistisch over de toekomst van de tv: “Iedereen kijkt eigenlijk nog tv. Daar is niet echt iets in veranderd. Het aantal kijkuren is wel iets teruggelopen, maar vooralsnog blijft het aantal televisiekijkers redelijk constant.”

Dat er zaken gaan veranderen in de wereld van de televisie is wel te verwachten. Accountantskantoor PricewaterhouseCoopers voorspelde in 2015 dat de opkomst van diensten als Netflix grote invloed zou hebben op de manier waarop de consument tv kijkt. De opkomst van Netflix gaat in Nederland echter niet zo hard als in Amerika. Een van de redenen daarvoor is dat de ‘reclamevrijheid’ van Netflix voor de Amerikanen, die veel commercials gewend zijn, voor Nederlanders niet zo’n verademing is. Dat zou een opluchting kunnen zijn voor tv-makers.