Heb jij dolfijnvriendelijke tonijn in huis, of misschien slaafvrije chocolade? Ondertussen zijn er in Nederland honderden keurmerken rondom duurzaamheid, voedsel en energie. Hoe ontstaat nu eigenlijk een keurmerk en wie keurt het keurmerk?

“Iedereen kan een keurmerk beginnen”, legt Wim Glorie uit. Hij is directeur van het Keurmerkinstituut. Hier bekijkt, keurt en controleert men organisaties die graag een keurmerk willen dragen. Wil een bedrijf of product zo’n keurmerk dragen dan wordt het onderworpen aan een vooraf opgestelde lijst met eisen.

“Een organisatie bepaalt helemaal zelf aan welke eisen een keurmerk, en daarmee het bedrijf, moet voldoen”, legt Glorie uit. “Daar zijn geen regels voor. Als je een goed merk hebt, geeft dat natuurlijk meerwaarde.” Verder stelt hij dat het er maar net aan ligt welke eisen iemand aan een keurmerk stelt.

Die eisen moeten natuurlijk wel realistisch zijn, geeft Glorie aan. “Over het algemeen geldt hoe zwaarder de eisen, des te sterker het merk. ”Daarnaast is het belangrijk om te kijken wie het product toetst op de eisen waaraan het moet voldoen. Zo stelt hij dat de betreffende controleur ook echt onafhankelijk moet zijn.”Zo kan een supermarkt ook zelf een keurmerk opplakken. Ze bepalen bijvoorbeeld welk product het (huis)keurmerk voor duurzame of biologische teelt krijgt. Hoe weet je dan wat echt duurzaam is?” Volgens Glorie liggen de zwaarste eisen bij de keurmerken voor voedselveiligheid in Nederland. Hij benadrukt dat dat écht stevige eisen zijn.

Sommige keurmerken zijn wettelijk verplicht, zoals het certificaat voor jeugdbescherming, vastgelegd in de Jeugdwet. (2015) De eisen én controles voor deze keurmerken zijn daarom erg streng. De meeste andere keurmerken zijn daarentegen vrijwillig te verkrijgen.

Maar wie controleert nu eigenlijk de controleurs? Zelf wordt het Keurmerkinstituut gecontroleerd door de Raad van Accreditatie. Zo weet je zeker dat ieder keurmerk dat je in huis haalt ook echt check,check -double check- keurmerk waardig is.