Door Pim Bruijnzeels en Sanne Compiet

De Vesuvius barstte voor het laatst uit in 79. De schade was enorm en het verderop gelegen dorpje Pompeii ging op in de stromende lava en as. Deze twee beroemde plekken worden nog altijd beschouwd als grote trekpleisters in het gebied rond Napels. Maar ligt er niet een nog gevaarlijkere vulkaan in de buurt?

De Campi Flegrei is een wat ingewikkeldere vulkaan dan de Vesuvius. “De Vesuvius heeft een grote krater en is goed zichtbaar. De Campi Flegrei heeft zo’n achttien kraters en is minder goed zichbaar”, zegt Stefano Carlino, medewerker van het observatiecentrum van de Vesuvius.

Tekst gaat verder onder de kaart

Caldera
De Vesuvius is dus niet te missen. Campi Flegrei wel, het is namelijk een caldera. Om het simpel te zeggen: een caldera is een grote ingestorte vulkaan, die soms onder de oppervlakte kan liggen. Dat is in Pozzuoli, een stadje naast Napels, het geval. En op de Campi Flegrei wonen dus gewoon mensen, zo’n 300.000. Dat is veel. “Zeker als je weet dat het landschap nog altijd langzaam stijgt door de werking van de vulkaan.”

Een van de achttien kraters van de Campi Flegrei: Solfatara.

Welke van deze vulkanen nu gevaarlijker is, is moeilijk te zeggen. Het risico wordt namelijk berekend door twee factoren. Risico = gevaar x waarde van schade. “Mocht de Vesuvius uitbarsten dan hebben we waarschijnlijk een grotere ravage, maar dan moet er veel gebeuren. De Campi Flegrei heeft minder nodig om een hoop schade aan te richten.”

Dat Napels niet op een gunstige plaats ligt, is duidelijk. Maar bijzonder is het niet. “Napels is een gebied met een van de grootste risico’s door de drie vulkanen in zijn buurt in combinatie met de grote bevolkingsdichtheid. Het is echter geen uniek geval”, legt hoogleraar Wim Degruyter uit, werkzaam aan de universiteit van Cardiff. “In bijvoorbeeld Indonesië, Japan, en Nieuw Zeeland zijn er ook gebieden met een groot risico.”

Het is dus niet gek dat er 24 uur per dag 2 mensen aanwezig zijn in het observatiecentrum van de Vesuvius. Het gevaar ligt op de loer. “Een uitbarsting kan over duizend jaar plaatsvinden, maar dat is geologisch gezien wel al heel snel”, besluit Carlino.