Over elf maanden zijn de Olympische spelen in Tokyo. “Het zwemteam is nog een punt van aandacht”, zegt technisch directeur van de Nederlands Olympisch Comité en de Nederlandse Sport Federatie (NOC*NSF), Maurits Hendriks, tegen de NOS.

“Bij de openwaterzwemmers lag de focus vooral op kwalificatie voor de Olympische Spelen. Zij hebben een beetje op safe gezwommen”, verklaart Daniël Schildkamp, communicatiemanager bij de Koninklijke Nederlandse Zwembond (KNZB). Schildkamp vindt dat er op het laatste WK helemaal niet zo slecht is gezwommen. “Er is echter nog onvoldoende niveau om echt voor de medailles te strijden. De enige Nederlandse medaille op het WK kwam van Ranomi Kromowidjojo. Zij veroverde zilver op de 50 meter vlinderslag.

Voldoende zwemtalent
Ook begrijpt de communicatiemanager dat Hendriks deze uitspraak heeft gedaan. “Het is logisch dat de technisch directeur van NOC*NSF een jaar voor de spelen de balans in de Nederlandse topsport opmaakt en signaleert hoe alle takken van de sport ervoor staan.”, zegt Schildkamp. “Vanuit de sporttechnische begeleiding is er de overtuiging dat er voldoende zwemtalent aanwezig is in Nederland.” Dat blijkt volgens de medewerker van de KNZB ook uit medailles die worden gehaald op internationale jeugdtoernooien. “Er wordt volop geïnvesteerd in nieuw talent.”

“Er is voldoende zwemtalent aanwezig in Nederland” – KNZB

Parazwemmers
De Nederlandse Parazwemmers hebben in tegenstelling tot de Nederlandse zwemmers op het laatste WK een grote prestatie weggezet met het behalen van 21 medailles – acht gouden, acht zilveren en vijf brons gekleurd. “Je kunt deze groep echter niet vergelijken met de andere zwemmers”, vindt Schildkamp.