Van campagnes tot kunst, van fotoreeksen tot stoepkrijtteksten: alles wordt gebruikt om mensen bewust te maken en aandacht te vragen voor straatintimidatie. Want wat is het nou precies en wat werkt nou écht tegen straatintimidatie? – Door Ananda Cobussen en Rosalie van Blijenburgh

De Rotterdamse Anne kreeg zelf te maken met straatintimidatie. Ze vertelt haar verhaal.

Wat is straatintimidatie precies?

Honorair hoogleraar rechten van de mens en emeritus-hoogleraar staat- en internationaal recht Cees Flinterman zou straatintimidatie zo omschrijven: “Het is het hinderlijk achtervolgen van iemand. Maar ook het ongevraagd commentaar geven op uiterlijk, kleding, kleur of het geslacht van mensen in openbare ruimte horen hierbij. Dat hoeft niet altijd een seksuele ondertoon te hebben, het kan ook een discriminerende ondertoon zijn.”

Belangenorganisatie Fairspace,  een organisatie die zich inzet voor geweld tegen vrouwen, heeft één grote missie: ervoor zorgen dat iedereen in Nederland zich veilig voelt wanneer hij of zij over straat loopt. Eve Ronson, medeoprichter van Fairspace omschrijft straatintimidatie zo: “Een handeling die iemand oncomfortabel maakt en die is geëscaleerd zonder toestemming van de desbetreffende persoon.”

Kunst voor bewustwording

Flinterman denkt dat er op allerlei manieren een bijdrage geleverd kan worden aan het tegengaan van straatintimidatie. “Op allerlei creatieve manieren kan bewustwording worden gevraagd voor deze problematiek. Daardoor gaan mensen praten over hoe we hier tegenover moeten staan.”

Voor Fairspace zijn kunst, muziek en performance belangrijk. Zo vertelt Ronson over het evenement Over The Shoulder, waarbij verschillende Nederlandse artiesten worden uitgenodigd. “Bij het evenement Over The Shoulder nodigen we verschillende Nederlandse artiesten uit. Dit zijn bijvoorbeeld een fotograaf, een spoken word artiest, een kledingdesigner en een VR-filmmaker. Bij het evenement kwamen deze artiesten allemaal samen met de gemeenschap. Voor ons was dat een goed voorbeeld om te laten zien dat kunst niet alleen een manier is om ervaringen over te brengen van straatintimidatie, maar ook om een bewustzijn te creëren onder mensen die niet bekend zijn met straatintimidatie. Ik denk dat deze aanpak campagnes moet aanvullen. Straatintimidatie is niet een eenzijdig onderwerp, het moet belicht worden op verschillende manieren. Dat maakt het belangrijk om samen te werken met andere organisaties die hun expertise inbrengen voor een meer holistische benadering van het onderwerp.”

Kunst gebruiken om aandacht te krijgen voor straatintimidatie is ook een doel van Roos de Boer en Kayley van Rossum. De Boer beheert het account CatcallsofGrunn op Instagram en vraagt met stoepkrijtteksten op de Groningse straten aandacht voor straatintimidatie. Van Rossum heeft een fotoreeks gemaakt waarbij de rollen van mannen en vrouwen bij straatintimidatie zijn omgedraaid.

Aanpak

Fairspace geeft de gemeente Amsterdam advies bij hun aanpak van straatintimidatie. Zo vertelt Ronson over een communicatiecampagne van de gemeente, waarbij ze posters hebben opgehangen in openbare ruimtes om bewustzijn te creëren rondom straatintimidatie. “De gemeente neemt deel aan discussies over straatintimidatie, waarin er wordt gezocht naar oplossingen”, zegt ze. Over de aanpak van gemeentes, campagnes, het effect daarvan en eventuele oplossingen van straatintimidatie vertelt Ronson het volgende:

“Er zijn veel verschillende steden die moeite doen om niet alleen de wettelijke kant te belichten. Wij denken zelf dat het beeld van straatintimidatie veel veelzijdiger is. De gemeente Amsterdam neemt ook deel aan de discussie met verschillende organisaties om zo innovatieve oplossingen te bedenken tegen straatintimidatie. Wij denken dat dat de manier zou moeten zijn op zowel lokaal als nationaal niveau. Dat het probleem niet als zwart-wit wordt gezien, maar dat er wordt gekeken vanaf een breder en alomvattend perspectief. Het zou gescheiden moeten blijven van andere debatten in de politiek.”

“Campagnes (zoals die in Amsterdam) zijn zeker nodig. Daarnaast denk ik dat de effectiviteit van de campagnes meer gemeten moet worden. Niet alleen op een kwantitatieve manier, maar ook door naar de mening van de bevolking te vragen. Zo kunnen we kijken of er een verandering is in het gedrag en perspectief op straatintimidatie. Waar wij ook de nadruk op proberen te leggen is dat deze landelijke campagnes gepaard moeten worden met scholing, training en workshops.”

Ik denk dat voor ons preventieve educatie belangrijk is. We zien dat in het lesgeven in positief gedrag en het lesgeven in het herkennen van toestemming. Dat zijn onderwerpen die makkelijk in een schoolprogramma of naschools programma kunnen integreren, maar ook in alledaags sociaal gedrag. Wij denken dat als dat gebeurt op een creatieve manier dat interesse creëert. Dat kan door middel van kunst, muziek of een presentatie.”

Grenzen

Zowel Flinterman als Ronson vertelt over een grijs gebied tussen vrijheid van meningsuiting en straatintimidatie. Flinterman geeft aan dat de grens tussen beide begrippen heel dicht bij elkaar ligt. Hij vindt dat de grens wordt overschreden wanneer iemand handelingen uitvoert die hinderlijk zijn voor een ander. “Opmerkingen maken horen wettelijk nog bij het domein vrijheid van meningsuiting. Als deze grens daadwerkelijk overschreden wordt, moet dat strafrecht wel worden ingezet. Straatintimidatie zal waarschijnlijk nooit helemaal verdwijnen. Wel is belangrijk dat de scherpste randjes hiervan worden afgesneden.”

Ronson legt daarnaast de nadruk op de aanpak van Fairspace. “Dat grijze gebied is er altijd. Wij proberen niet de nadruk te leggen op de betekenis van vrijheid van meningsuiting. Wij proberen de nadruk te leggen op een maatschappij waarin iedereen zich veilig voelt.”