De Hudson´s Bay sloot in het begin van januari de deuren van alle filialen. In 2019 gingen er volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek 3.208 bedrijven failliet, terwijl dit in er het jaar ervoor 3.145 waren. V&D, Intertoys en CoolCat zijn drie grote bedrijven die failliet zijn verklaard, maar toch een doorstart hebben gemaakt.

Christoph van der Elst, hoogleraar ondernemingsrecht en risicomanagement aan de Tilburgse universiteit, ziet twee bijzondere redenen bij het faillissement van bedrijven. “Ten eerste kan er sprake zijn van een relatief slecht bestuur dat het bedrijf niet goed onder controle heeft. Daarnaast is een achterhaald businessmodel ook vaak een van de oorzaken dat bedrijven hun deuren moeten sluiten. Bovendien spelen de online webshops natuurlijk ook een grote rol in de faillissementen van bijvoorbeeld kledingwinkels.”

Bedrijf voor een prikkie

“Bij een doorstart zie je vaak dat mensen van buitenaf potentie zien in het bedrijf, terwijl degene die het voor het zeggen heeft het niet meer ziet zitten”, vertelt Van der Elst. De hoogleraar vertelt tevens dat de bedrijven na faillissement voor een schappelijke prijs op te kopen zijn. “Het bedrijf is relatief goedkoop, hierdoor kunnen grote bedrijven het overkopen én er winst uithalen.”

Volgens Van der Elst worden bedrijven niet eerder opgekocht door derden, omdat het vooraf lastiger is. “Er zijn dan veel meer partijen bij betrokken. In het bijzonder natuurlijk de werknemers die hun zegje willen doen.” Van der Elst vertelt: “Zelfs als de helft opnieuw faalt na een doorstart en opnieuw bankroet is, dan is er nog de andere helft die wel overleeft. Het zou jammer zijn als het eerste faillissement ook meteen het einde voor een bedrijf zou betekenen.”

Lees ook: Failliete zaken raken Tilburg niet