De Jeugdmonitor 2019 schrijft ook dit jaar weer over de oververtegenwoordiging van leerlingen van een niet-westerse migratieachtergrond op het vmbo. De VO-raad, CNV Onderwijs, LAKS en de MBO Raad hebben een onderwijspact samengesteld waarin zij het onderwijs willen omgooien.

Het idee is om leerlingen pas in het derde leerjaar van het voortgezet onderwijs een specifiek onderwijsniveau aan te bieden. Volgens wetenschappelijk directeur/onderzoeker Guuske Ledoux zou dit kunnen bijdragen aan het opkrikken van het opleidingsniveau van leerlingen met een niet-westerse migratieachtergrond. Deze leerlingen presteren gemiddeld genomen minder goed op de basisschool en ontvangen hierdoor een lager schooladvies.

Volgens Ledoux is dit te linken aan het opleidingsniveau van de ouders. ‘’Als je zelf meer weet, kun je ook meer overdragen aan je kind’’, stelt Ledoux. Hoogopgeleide ouders kiezen ook bewuster voor een bepaalde manier van opvoeden. Zij praten vaker en onderwijzen zelfs hun kind. Dit bevordert de cognitieve ontwikkeling van het kind. ‘’Met name in taal is het van belang. Hoe moeilijker jouw taalgebruik is, hoe meer het toevoegt aan de opvoeding’’, zegt Ledoux.

Toekomst

Langzamerhand komt er verandering in; op de basisschool presteren deze kinderen steeds beter. Met name op het gebied van rekenen is er sprake van vooruitgang. Toch zal de oververtegenwoordiging in het vmbo een langere tijd zo blijven, al hoeft dit niet in dezelfde mate te zijn. In de toekomst zou er sprake kunnen zijn van derde-, vierdegeneratie kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond die hoogopgeleide ouders hebben en zo meer aangeboden krijgen van hun ouders.