Vorig jaar zorgde het beestje voor flink wat problemen en ook dit jaar moeten we ons daar weer op voorbereiden: de eikenprocessierups. In maart startte een proef met het nieuwe bestrijdingsmiddel Vertimec. De Vlinderstichting maakte bezwaar en het middel mag nu niet meer gebruikt worden. “De voornaamste zorg was dat het middel niet alleen de rupsen raakt, maar ook andere insecten”, vertelt Jurriën van Deijk van de Vlinderstichting.

Bij de proef wordt een gat geboord in de boomstam zodat het Vertimec in de sapstroom van de boom terecht komt. Het middel wordt via een zakje aan de boom langzaam toegediend. Zo verspreidt het zich door de hele boom. “Wanneer zo’n giftige stof in het blad of stuifmeel terecht komt, gaat alles wat ermee in aanraking komt dood. De rups, maar ook andere insecten”, geeft Van Deijk aan.

De ontheffing voor de proef is net voor Pasen verleend. “We hebben geprobeerd alles zo snel mogelijk stop te zetten, maar dat is niet gelijk gelukt. Er zijn helaas wel een paar honderd bomen met Vertimec geïnjecteerd.” De Vlinderstichting maakte samen met andere partijen bezwaar bij het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden, het CTGB. “De proef is opnieuw beoordeeld en die commissie besloot toen de ontheffing toch in te trekken.”

De gezondheidsklachten door de processierups
De gezondheidsklachten door de processierups DemivanOpstal

Natuurlijke vijanden

Voor de bestrijding van de rups worden nu voornamelijk twee andere middelen gebruikt, Nematode en Xentari. Dit zijn echter wél biologische middelen in tegenstelling tot Vertimec . “Maar ook deze zijn niet selectief op de eikenprocessierups; ze doden alle rupsen in de boom. Hier zijn wij dus wederom geen voorstander van”, zegt Van Deijk. “Maar omdat de volksgezondheid een rol speelt bij het probleem rondom de rupsen, zijn die twee middelen nog de minst schadelijke oplossing voor de korte termijn.”

De Vlinderstichting noemt natuurlijke vijanden als andere optie de rups te bestrijden. “Wij zijn van mening dat we naar een meer natuurlijk systeem toe moeten gaan. Wanneer je meer eikenprocessierupsen krijgt, betekent dat meer voedsel voor natuurlijke vijanden als sluipwespen. De populatie natuurlijke vijanden neemt zo toe en de plaag rupsen wordt minder. Dat is ook een oplossing op lange termijn, want dat spuiten lost het nu op, maar volgend jaar komt het probleem net zo hard terug.”

Het is nu de vraag hoe er genoeg natuurlijke vijanden komen om de rups aan te pakken. “Veel rupsen zitten in stedelijk gebied, gebieden met onder ze een heel strak gazon. Dat is geen systeem waar veel beesten kunnen voorkomen. Met aangepast wijkbeheer krijg je bijvoorbeeld meer bloemen in je berm of verschillende soorten bomen, zodat je de biodiversiteit kunt stimuleren. We experimenteren nu of een natuursysteem zo’n plaag echt in bedwang kan houden. Maar wij denken dat het zeker mogelijk is dat de natuur het zelf kan regelen.”