Door Juul ten Haaf en Puck van Lanen

Op de jaarlijkse Dag tegen Homofobie, die aanstaande zondag plaatsvindt, vragen LHBT-organisaties aandacht voor homohaat. Hoe staat het ervoor met anti-homo incidenten in Oost-Brabant? Zijn er verschillen tussen stad en platteland?

Uit cijfers van de politie blijkt dat discriminatie op grond van seksuele voorkeur de op één na meest geregistreerde vorm van discriminatie was in Oost-Brabant in 2019. Zoals je in onderstaande tabel kunt zien, is het aantal meldingen van deze vorm van discriminatie bij meldpunten in 2019 hoger dan in 2018.

Loading...

Loading…

Er zijn twijfels over de betrouwbaarheid van deze cijfers, omdat het herkennen en melden van discriminatie vaak lastig is voor slachtoffers, benadrukken de onderzoekers. De werkelijke cijfers liggen naar alle waarschijnlijkheid vele malen hoger.

Eindhoven

Het aantal discriminatiemeldingen ligt in Eindhoven hoger dan bij andere gemeenten in Oost-Brabant. Er werd in die stad 21 keer een melding bij de politie gemaakt. Een van die meldingen kwam van de 39-jarige Bart Jansen uit Eindhoven. Hij werd afgelopen december slachtoffer van antihomo-geweld tegenover zijn eigen appartement. Hij ondervindt nog dagelijks last van de gevolgen. Beluister zijn verhaal hier.

Protestmars

In april 2017 organiseerde de Eindhovense Luud Peeters in zijn stad een protestmars tegen homogeweld, naar aanleiding van gewelddadige incidenten in Arnhem en Eindhoven. Volgens Peeters kwamen er bijna 500 mensen op het protest af en schreven verschillende media over de actie. Toch is er naar zijn idee niets veranderd. “In Amsterdam zijn met Pasen twee homoseksuele jongens belaagd, die zijn afgelopen weekend weer lastiggevallen. Ze konden niet eens aangifte doen, er werd gezegd dat ze daar later voor terug moesten komen. De prioriteit van dit soort zaken is nog steeds niet hoog.”

Stad versus platteland

In onderstaand kaartje is het aantal meldingen van discriminatie op basis van seksuele voorkeur per gemeente zichtbaar. In kleine gemeenten worden minder vaak meldingen gemaakt dan in de steden of grotere plaatsen. “Op het platteland kennen mensen elkaar, daar zijn mensen nooit anoniem. Dat soort incidenten worden dan eerder binnen de familie en kennissenkring opgelost,” vertelt Geert Glaudemans, bestuurslid van homobelangenorganisatie COC Noordoost-Brabant. “Iemand wordt aangesproken op zijn gedrag omdat men elkaar goed kent. In steden betreft het eerder mensen die elkaar niet kennen, maar spontaan de aanval openen op basis van wat ze zien.”

Volgens Saskia van Bon, onderzoeker bij antidiscriminatiebureau RADAR, is het aantal meldingen in de stad hoger doordat daar allerlei voorzieningen zijn waar mensen uit de regio ook gebruik van maken. “Mensen werken, studeren, shoppen en gaan uit in de stad. De kans dat er je daar discriminatie ervaart is daardoor groter.”

De 60-jarige Willy Maas is homoseksueel en groeide op in het kleine dorp Sint Hubert. Jarenlang woont hij met zijn partner in diverse dorpjes in Oost-Brabant, tot hij enkele jaren geleden terug verhuist naar Sint Hubert. In onderstaande video vertelt hij hoe hij het heeft ervaren om op het Brabantse platteland uit de kast te komen en als homoseksueel te wonen in kleine dorpsgemeenschappen waar iedereen elkaar kent.

Veranderende maatschappij

Volgens Peeters is onder andere de ‘veranderende maatschappij’ een oorzaak van het hogere aantal incidenten in steden. “Mensen met een islamitische achtergrond groeien in een heel andere cultuur op dan wij. Het ligt gevoelig om dit te benoemen, ook binnen homobelangenverenigingen zelf. Er wordt dan snel gezegd dat je zelf dan ook niet moet stigmatiseren. Ik vind persoonlijk dat je het wel moet kunnen zeggen en er serieus naar moet kijken.”

Glaudemans van het COC denkt ook dat de toename van andere culturen zorgt voor meer anti-homoincidenten. “Er komen nieuwe culturen naar Nederland, waarin men andere normen en waarden kent,’’ vertelt hij. ‘’Er komen bijvoorbeeld mensen uit Polen en Hongarije die het strenge katholicisme meebrengen wat vijftig jaar geleden in Nederland normaal was. Toen mijn ouders jong waren was homoseksualiteit ook taboe. Ik ken gevallen waar homoseksuelen zijn weggepest in bedrijven waar migranten werken.”

Voorlichting

Voorlichting op scholen is daarom het speerpunt van de organisatie: “Dan zijn we met jongeren bezig, we zaaien voor de toekomst. Op die scholen zitten ook migrantenjongeren. We hopen altijd dat die jongeren dan weer thuis vertellen over wat ze meegemaakt hebben in de les.” Daarnaast werkt de organisatie aan een platform voor lhbt’ers met een migratieachtergrond. “Het is echter moeilijk om voet aan de grond te krijgen met voorlichting binnen de arbeidsmigrantencultuur. Het zijn ook mensen die soms maar één seizoen hier zijn. Je kunt moeilijk blijvend binding krijgen met hen.”