De basisschoolleraren staan weer voor de klas. Daarmee is het ‘normale’ leven nog niet helemaal teruggekeerd. De anderhalvemetersamenleving geldt voor de leraren ook in de school. Wat vinden zij ervan dat ze als één van de eerste beroepen tijdens de coronacrisis weer moeten beginnen?

In deze tijd wordt op iedere basisschool de manier van lesgeven en daarbij ook de hoeveelheid kinderen in de klas aangepast. Wel gelden op alle scholen dezelfde richtlijnen van het RIVM. Zo is LiemersNovum, een stichting voor basisscholen binnen regio de Liemers, er verantwoordelijk voor dat de regels op de scholen worden nageleefd.

Regels op de basisschool

Pieter-Jan Buhler, bestuurder van LiemersNovum, is samen met Toon Geluk eindverantwoordelijke voor de stichting. “Dat de scholen open zouden gaan, zag ik al aankomen. Ik vind dat hartstikke fijn en ik denk dat verreweg de meeste leerkrachten ook zo denken. Na acht lange weken mis je de leerlingen zeker wel”, vertelt Buhler.

“Ook al zagen we het aankomen dat de scholen open zouden gaan, ging het ineens toch erg snel. We moesten regelen dat de kinderen weer veilig naar school kunnen, er geen ouders binnenkomen, wegwijzers plaatsen en zorgen voor de anderhalve meter afstand. Natuurlijk beschikken we ook over genoeg beschermingsmiddelen als handgel. Daarbij mag een leraar met ziekteverschijnselen of als ze kwetsbaar is niet voor de klas staan”, legt Buhler uit.

Er worden dus duidelijke regels gesteld in en rondom de basisschool. Al is de afstand tussen leerkracht en leerling soms even moeilijk. “Als een kleuter valt, kun je als leerkracht niet een pleister naar ze toegooien”, lacht Buhler.

‘Als een kleuter valt, kun je als leerkracht niet een pleister naar ze toegooien’

Manier van lesgeven

Er zijn algemene regels vanuit het RIVM en LiemersNovum, maar de directeur op iedere basisschool bepaalt samen met zijn team hoe zij het lesgeven aanpakken. Zo zijn er twee opties: In de eerste optie kiest de school ervoor de klas in een ochtend- en middaggroep te splitsen en de groepen vijf dagen in de week te laten komen.

De tweede optie is dat de school de klassen in twee groepen splitst. De groepen komen dan om de dag naar school voor een halve lesdag. De dag wanneer de leerlingen thuis zijn, hebben ze wel huiswerk om te maken en zijn dus niet vrij. Door deze twee opties staan de leraren niet voor een te grote groep kinderen.

IKC De Tamboerijn

Basisschool de Tamboerijn in Zevenaar kiest voor de tweede optie. Directeur Boonman legt uit hoe zij de maatregelen hanteren. Helene van Maanen, juffrouw van groep 7 en Jill Wattimury, gymjuf, vertellen hoe zij het voor de klas staan in deze situatie ervaren.

Sociaal contact tussen kind en leerkracht

Cissy van Eede, orthopedagoog bij stichting Onderwijsadvies in Zoetermeer, is normaal op verschillende basisscholen in Nederland te vinden. Zij bestudeert het gedrag op de scholen en geeft coaching aan docenten. “Door het coronavirus mag ik op sommige basisscholen niet meer komen. Daardoor kunnen bijvoorbeeld de trainingen voor docenten niet meer doorgaan en worden ze uitgesteld”, legt van Eede uit.

Gelukkig kunnen in deze tijd nog veel dingen online doorgaan. “Doordat veel basisscholen digitaal lesgeven, zijn de leerkrachten goed betrokken bij hun leerlingen. Ik merk wel dat het pittig en intensief is voor de docent. De ene leerkracht pakt het online lesgeven beter op dan de ander”, vertelt de orthopedagoog.

Goed contact tussen leerkracht en kind is hierbij dan ook erg belangrijk. Vooral nu de basisscholen weer open zijn. “Scholen adviseren om nu vooral aandacht aan leerstof te besteden. Maar de leerkrachten moeten juist ook focussen op de periode toen de kinderen thuis zaten.  Het is zeker van belang om het sociale contact van de kinderen bespreekbaar te maken.”

‘Een enkeling is angstig om het virus op te lopen.’

Groepsdynamiek

“We zijn nog lang niet bij het oude. Hoe nu les wordt gegeven in halve groepen is voor iedereen wennen. Dus het advies dat wij nu aan leerkrachten geven: speel in op de kinderen en praat met ze”, legt van Eede uit.

Groepsdynamiek speelt daarbij ook een grote rol. Ieder kind wilt zijn eigen plekje binnen de groep veroveren. Dit speelt vooral na de zomervakantie wanneer een kind in een nieuwe klas komt met een nieuwe leraar. Maar ook nu na deze crisis is het belangrijk dat de scholen investeren in positieve groepsvorming en dus de kinderen op hun gemak stellen.

Angst bij leerkrachten

Verder ziet en hoort van Eede verschillende emoties bij de leerkrachten. “Een enkeling is angstig om het virus voor de klas op te lopen. De ander vindt het spannend hoe het openen van de scholen uitpakt.”

“Dat de leerkrachten nu anderhalve meter afstand moeten houden van de kinderen in de klas, moeten ze bespreekbaar maken en uitleggen aan de kinderen. Ze zullen het begrijpen en op die manier heeft het ook geen negatief gevolg op het gebied van leerlingbegeleiding”, aldus de orthopedagoog.

Interne begeleiders

Naast een directeur, leerkrachten en orthopedagogen lopen er ook interne begeleiders (IB’er) op een basisschool rond. Als IB’er ondersteun je de leerkrachten, denkt mee op welke manier ze goede lessen kunnen geven en kijkt mee naar het schoolniveau. Hieronder een interview met Josien Paaijmans. Ze is IB’er op IKC De Tamboerijn en IKC De Wissel.