In Noordoost-Brabant zijn bijzonder veel coronagevallen bekend. Dit is ook een regio met intensieve veeteelt. Is dit toeval of is er in deze regio meer aan de hand? 

Lotte van der Wijst en Stella van der Burg

Eerder al waren de boeren het middelpunt van de stikstofcrisis. Momenteel is er een nieuwe crisis dat zich om hen heen vouwtde coronacrisis. De coronahaarden komen overeen met de plekken waar veel intensieve veeteelt is. Minister van Landbouw Carola Schouten heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) gevraagd om een onderzoek te starten naar het mogelijke verband tussen luchtkwaliteit, intensieve veehouderijen en de verspreiding van het coronavirus.  

Op onderstaande kaarten zie je de veedichtheid en het aantal patiënten dat in het ziekenhuis is opgenomen met het coronavirus. Er zijn enkele gelijkenissen te vinden, of dat er ook een verband bestaat tussen de twee is niet zeker.   

Slechte luchtkwaliteit

In Oost-Brabant is er een niet al te beste luchtkwaliteit. Dit komt door uitstoot van schadelijke stoffen van veehouderijen, industrie en het grote wegennetwerk in de provincie. In de verontreinigde lucht zit veel fijnstof, dat gevormd wordt door onder andere stikstofdioxide uit het verkeer en ammoniak uit de landbouw. Deze deeltjes dringen door tot in je longen, wat er uiteindelijk voor zorgt dat deze o.a. de longkwaliteit aantasten maar ook je hart- en bloedvatsysteemDit is gebleken uieerder onderzoek van Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO) van het RIVM, in samenwerking met de Universiteit van Utrecht en Wageningen University. 

Jan Hoevenaars is oud-huisarts in Elsendorp, een dorp in gemeente Gemert-Bakel. Deze gemeente, en daar omliggende gemeentes, zijn ontzettend hard getroffen met het coronavirus. Als huisarts heeft hij gedurende zijn loopbaan geleerd dat de veehouderijen in de omgeving ervoor zorgden dat er opvallend veel luchtweginfecties zijn. Hij denkt daarom ook dat er een link is tussen het grote aantal ziekenhuisopnames van COVID-19 patiënten en de veehouderijen.  

Hoevenaars over de coronabesmettingen en luchtwegklachten:  

Hoevenaars vertelt verder: “Het fijnstof geeft beschadigingen aan de longen, waardoor je minder weerstand hebt tegen een virus.” Dit kan verklaren waarom er opvallend veel gevallen van corona in de regio zijn. Toch ziet Hoevenaars graag dat dit onderzocht wordt: “Ik wil graag weten of er een relatie is tussen de luchtkwaliteit, veehouderijen en het coronavirus. Waarom hebben in onze regio zoveel mensen daar last van?”  

‘’Het is nog niet bewezen dat het COVID-19 harder toeslaat in deze regio doordat er veehouderijen in de buurt zijn.’’ – Dirk Heederik

Ignas van Bebber werkt als oncologisch chirurg in het Jeroen Bosch Ziekenhuis. Hij heeft als natuurliefhebber actief deelgenomen in het ‘mestdialoog’ waarna hij zich uiteindelijk, met zijn medische achtergrond, verdiept heeft in de invloed van veehouderijen op de volksgezondheid. Van Bebber zegt, net als Hoevenaars, dat het grote aantal coronapatiënten in deze regio komt door de al slechte gezondheid van mensen. “De chronisch blootstelling aan fijnstof is een continue aanslag op ons lichaam.” Bebber vervolgt: Daarnaast vind ik het een interessant gegeven dat de ernst van de klachten erger lijkt te zijn in het veerijke gebied in Oost-Brabant.   

Volgens Dirk Heederik, epidemioloog van Universiteit van Utrecht en onderzoeker bij het eerdere VGO-onderzoek, is deze conclusie niet zo makkelijk te trekken. Hij zegt dat het coronavirus best harder kan toeslaan in deze regio doordat mensen al longklachten hebben. Maar hij plaatst er telkens een grote kanttekening bij. Heederik: ‘’Het is nog niet bewezen dat het COVID-19 harder toeslaat in deze regio doordat er veehouderijen in de buurt zijn.’’ 

Ook Mark de Jong, woordvoerder van ZLTO (Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie)wacht liever onderzoek af voordat er schuldigen worden aangewezen. In onderstaande video, vertelt hij hier meer over.    

Verspreiding in Brabant

Deskundigen lijken het erover eens te zijn dat coronaklachten kunnen verergeren door de slechte longkwaliteit van mensen in Oost-Brabant. Maar hoe het komt dat er zoveel gevallen bekend zijn in dat gebied, is moeilijk te verklaren. 

Het is volgens Heederik erg moeilijk om na te gaan hoe het komt dat er in Noordoost-Brabant meer besmettingen zijn dan in de rest van Nederland. Hoe het virus op deze plek terecht is gekomen, heeft waarschijnlijk meer met toeval te maken dan met de veehouderijen. ‘’Het zou kunnen dat iemand het virus mee heeft genomen vanuit Italië. Als deze uitbraak toevallig in het oosten van Brabant is, dan heb je op deze plek veel besmette mensen. Het heeft allemaal te maken met waar het virus voor het eerst is geïntroduceerd, hoe snel het zich heeft verspreid en wanneer er maatregelen worden genomen om de verspreiding tegen te gaan.’’ 

Om conclusies te trekken, hadden we volgens Heederik het virus zijn gang moeten laten gaan: Dan kan je het verband onderzoeken tussen de verspreiding van corona, veehouderijen en de luchtkwaliteit. Door de maatregelen krijg je een vertekend beeld van de verspreiding en kun je er geen conclusies aan verbinden. 

”Het is logisch dat het coronavirus zich verspreidt via fijnstofdeeltjes in de lucht” – Ignas  van Bebber

Volgens Van Bebber moet er een andere factor zijn die ervoor zorgt dat het virus zich sneller verspreid. ‘’De bevolkingsdichtheid in het oosten van Brabant is minder dan in de grote Brabantse steden. Uit internationale literatuur is al bekend dat influenza virusdeeltjes meeliften met fijnstof. Ik geloof daarom dat ook het coronavirus verspreidt via fijnstofdeeltjes in de lucht. 

De verspreiding van het virus heeft volgens Heederik in mindere mate te maken met virusdeeltjes die via fijnstof verspreiden. ‘’Het zou zo kunnen zijn, maar er is nog geen onderzoek naar gedaan. Een andere verklaring is, is dat mensen in regio’s met luchtverontreiniging vatbaarder zijn voor het coronavirus.’’   

Van Bebber is er duidelijk over: “Gezondheid is de allerbelangrijkste kernwaarde van ons bestaan. Alle hens aan dek om de uitstoot van fijnstof drastisch te verminderen en de drempelwaarden voor fijnstof volgens de Wereldgezondheidsorganisatie te gaan hanteren.” 

Wanneer er precies een onderzoek gaat komen vanuit het RIVM en de universiteiten is nog onbekend. Of dat er een verband bestaat tussen luchtverontreiniging, veehouderijen en coronabesmettingen, is dus nog niet bewezen.