De culturele sector heeft meer nodig dan alleen de huidige financiële steun. Het is de hardst geraakte bedrijfstak van de coronacrisis, aldus het UWV (Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen). Het kabinet heeft afgelopen augustus het steunpakket verhoogd naar 482 miljoen euro, maar volgens de sector is er meer nodig en daar werken ze hard aan.

Tussen 6 juli en 4 september had de culturele sector een omzetverlies van 62 procent. Het UWV voerde het onderzoek uit in opdracht van het Ministerie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

De Taskforce Culturele en Creatieve Sector

“Voor het eerst in de geschiedenis zijn alle culturele sectoren samen gekomen in een taskforce om de sector in stand te houden”, vertelt Pien van Gemer, woordvoerster van de belangenorganisatie Kunsten ’92, tevens onderdeel van de TCCS (Taskforce Culturele en Creatieve Sector). “Wat de taskforce nu voornamelijk doet, is het gesprek aangaan met onder meer verschillende ministeries, zoals het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Mede hierdoor is het steunpakket inmiddels opgeschroefd. We zijn daar heel erg dankbaar voor, maar het is niet genoeg om de sector in stand te houden.” Vooral de jonge kunstenaars en de kleine, innovatieve kunstgroepen vallen tussen wal en schip.

Te weinig geld 

Michiel Hendrikx, woordvoerder van het Ministerie voor cultuur, onderwijs en wetenschap, benadrukt dat er waarschijnlijk geen geld bij zal komen: “Mensen worden ontslagen en bedrijven gaan failliet. Het is niet te voorkomen. In een crisis van deze grootte zie je dat in alle sectoren terug”, vertelt Hendrikx. “Het is niet haalbaar om de culturele sector volledig te redden, maar met dit steunpakket zijn ze grotendeels uit de zorgen.”

Begrip

Naast financiële steun vraagt de taskforce ook (media)aandacht en begrip. Dat is van groot belang volgens Van Gemer: “Cultuur is belangrijk voor de kwaliteit van leven, gelukkig lijken steeds meer mensen daar bewust van te worden, maar we zijn er nog niet.”

Op dit moment is het vooral een kwestie van heel veel praten volgens Van Gemer, om op die manier een financieel en begripvol draagvlak te creëren.