Tijdens het voetbalduel tussen SC Cambuur en MVV Maastricht van afgelopen zaterdag was er sprake van racistische spreekkoren. Dit gebeurt niet alleen bij profvoetbal, want volgens onderzoek van EenVandaag blijkt de helft van amateurvoetballers met een getinte huidskleur wel eens racistisch te zijn bejegend op de velden. Ook in Breda gebeurt dit regelmatig.

Het vriendenteam zaterdag 4 van VV Baronie bestaat uit dertien jongens van vier verschillende nationaliteiten: Marokkaans, Surinaams, Tunesisch en Nederlands. Oussama Kamouni (19) vertelt dat hij wel eens last heeft gehad van vervelende opmerkingen, deze kwamen vooral vanuit het publiek. “Wanneer ik een overtreding maakte, betrokken ze het vaak op mijn Marokkaanse afkomst”, legt hij uit. “Scheidsrechters doen vaak of ze het niet horen en trainers zeggen dat ik me er niks van aan moet trekken. Ik vind dat moeilijk. Uiteindelijk is het maar een spelletje en is lekker sporten en een leuke middag beleven het enige wat we willen, mijn roots heeft daar totaal niks mee te maken.”

Zijn Surinaamse teamgenoot Rinaldo Rankoemar (21) is zelf nooit racistisch bejegend bij de voetbal. Hij heeft lang gevoetbald bij de Bredase voetbalclub DIA voor hij naar Baronie ging. “Ik zat daar in teams met bijna alleen maar Nederlanders, dus ik viel wel op. Toch is er nooit vervelend tegen mij gedaan en ben ik altijd respectvol behandeld, daar ben ik blij om.”

Voor Nafoual El Boukrabi (17) is dat een ander verhaal. Hij heeft jarenlang bij SC Hoge Vucht gevoetbald. Bij thuiswedstrijden ging het prima, maar zodra we uit moesten spelen was het bijna altijd chaos”, legt hij uit. In zijn team zaten voornamelijk jongens van Marokkaanse afkomst. “Je hoefde maar één fout te maken, en dan werd er gelijk vervelend gedaan door het publiek en de tegenstander. Vaak werd je afkomst er bij betrokken. Dat ik buitenspel sta, heeft niks te maken met dat ik een Marokkaan ben.”

Vechtpartijen

Vanwege diverse geweldsincidenten heeft de tuchtcommissie besloten dat de Bredase voetbalclub per direct is uitgesloten van verdere deelname aan alle voetbalcompetities.  “In mijn team zaten veel jongens uit een achterstandswijk, dat merkte je. Ikzelf negeerde vervelende opmerkingen, mijn teamgenoten konden hun handen niet thuishouden wanneer er weer eens een racistische opmerking gemaakt werd”, vertelt Nafoual. “Ik kan het me voorstellen, het is op een gegeven moment bloedirritant als je continu wordt aangekeken op je afkomst, maar vechten? Dat is nooit de oplossing.”

Tactiek

Nu is alles anders, vindt Nafoual: “Bij VV Baronie merk ik dat we gelijkmatig worden behandeld.” Oussama voegt eraan toe dat het zaterdag 4-team erg hecht is. “Door de verschillende nationaliteiten in de groep, leren we elkaar ook dingen. Nu spreken we onderling tijdens een wedstrijd Arabisch, om de tegenstander te verwarren. Weten zij veel dat we naar elkaar roepen dat we de bal naar rechts passen. Goede tactiek, toch?”