De tozo-regeling voor zzp’ers wordt na een 1 oktober doorgezet, dat is het besluit van het kabinet naar aanleiding van de aangescherpte coronamaatregelen. Film- en documentairemaker Jedrek maakt gebruik van deze bijzondere regeling.

Stel je voor je bent klaar met je opleiding en je bent je eigen bedrijf gestart. Je hoop dat alles van een leien dakje gaat en krijgt je eerste klussen, maar dan een wereldwijde pandemie die roet in het eten gooit. De klussen worden minder en er komt minder geld in het laatje. De overheid besluit daarom een lening in het leven te roepen genaamd de Tozo. De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een noodpakket dat is opgezet door het kabinet om zzp’ers en kleine bedrijven te redden van een ondergang. De Tozo-regeling krijgt al een derde pakket om de kleine ondernemer te redden. Door de regeling kunnen zzp’ers die minder dan 46,520 euro spaargeld hebben een uitkering voor maximaal zeven maanden krijgen. Deze uitkering moet ervoor zorgen dat de kleine ondernemer niet failliet gaat. Zo kan de ondernemer in de tussentijd kijken naar omscholing of aanpassing aan zijn bedrijf om toch geld te verdienen in coronatijd.

Hoe vraag je Tozo aan?

Jedrek Nadobnik (23) heeft zijn eigen bedrijf: Nandomedia, waar hij video’s en documentaires maakt. Hij is een zzp’er die de Tozo heeft aangevraagd. “Als zzp’er was mijn bron van inkomsten vrijwel altijd commercieel. Voor mijn documentaires kreeg ik subsidies daarmee kon ik altijd even vooruit. Toen de coronacrisis uitbrak had ik nog een behoorlijke buffer en ik monteerde nog een film, lekker vanuit huis. Maar na twee maanden kreeg ik het heet onder mijn voeten, omdat al mijn commerciële klussen wegvielen. De Tozo-regeling, waarbij ik het sociaal minimum ontving per maand (+/- 1,000 euro), ving mijn inkomen voor ruim de helft op. In de zomerperiode maakte ik nog twee klussen af die me weer op schema brachten, maar de vervolgen van de producties vallen nu weer weg door de tweede golf.”  

Het aanvraagproces vindt plaats in de eigen gemeente. De zzp’er moet de boekhouding leveren en andere documenten zoals een identiteitsbewijs. Jedrek: “Het Tozo-aanvraagproces verliep erg soepel. Ik leverde specifieke documenten aan die aantonen dat ik inkomsten misliep. Geen boekhouder voor nodig. Het biedt voor mij voorlopig genoeg steun, omdat ik op kamers ben blijven wonen na mijn studie. Ik kan me voorstellen dat zzp’ers met hogere maandlasten het wel moeilijker krijgen.”  

“Als zzp’er heb je een stabiele buffer nodig'”

De Tozo-regeling is tot nu toe al twee keer verlengd en wordt vanaf oktober voor de derde keer verlengd. Zzp’ers moeten deze dan opnieuw aanvragen en krijgen maandelijks de uitkering. Dit bedraagt in de meeste gevallen tussen de 1000 en 1500 euro en is afhankelijk van het inkomen. 

 Jedrek: “Ik heb er tot nu toe dus drie maanden gebruik van gemaakt. Ik ga nu ook gebruik maken van Tozo 3, maar dat bepaal ik pas aan het einde van de maand oktober. Ik wacht nog op aanvullende subsidies voor mijn filmprojecten.” 

Veel zzp’ers zijn een onregelmatig inkomen gewend en bouwen meestal buffers op zodat ze in onvoorziene omstandigheden toch alles kunnen betalen. Jedrek: “Dat mijn klussen en ook mijn inkomsten wegvielen was even vervelend, maar ik heb altijd geleerd dat je als zzp’er een stabiele buffer nodig hebt.” 

Nieuwe kansen

Volgens Jedrek heeft deze crisis sommige trajecten en keuzes versneld: “Ze zeggen dat je groeit in tijden van crisis. Ik heb mijn bedrijf aangepast, maar dat is iets wat ik al een tijd wilde doen. Dat betekent niet afhangen van commercieel werk zoals promotiefilms en meer grotere projecten aan te gaan zoals documentaires, die afhangen van subsidies op lange termijn. Dus dit proces werd behoorlijk versneld en ik weet nu een stuk meer over het zzp-bestaan.”

“Meeste van mijn collega’s moeten nu in loondienst”

Jedrek gaat er vanuit dat dankzij zijn buffer zijn bedrijf het overleeft omdat hij voorbereid was op het ergste. “Kortom: mijn onderneming overleeft het, maar ik kan van geluk spreken omdat ik flink aan het sparen was en dus financieel voorbereid was. Maar de meeste collega’s van mijn leeftijd hadden het wel erg zwaar en gingen tegen hun zin in loondienst. Dan zie je pas echt wat de wanhoop en onzekerheid, veroorzaakt door deze tijden, met je doet.”