Afgelopen jaar zijn er wereldwijd 42 journalisten vermoord, beduidend minder dan de minstens 100 van de jaren daarvoor. Desondanks houden de zorgen over de veiligheid van journalisten aan. Op de VN-conferentie van 10 december hebben vijftig landen in Den Haag gepraat over de veiligheid rondom journalisten.

De veiligheidssituatie van journalisten lijkt dus verbeterd te zijn. Het gevaarlijkste is het in Mexico, waar afgelopen jaar dertien journalisten omkwamen. Het Midden-Oosten wordt vaak gezien als gevaarlijke plek voor journalisten, maar dat blijkt niet per se te kloppen. Hoessein Sabir, journalist NOS Buitenlandredactie,  kan dit onjuiste beeld bevestigen: “In landen als Iran, Irak en Tunesië kunnen Journalisten gewoon hun werk doen. Mensen zullen een land als Afghanistan waar wel het een en ander speelt vergelijken met deze landen. Deze vergelijking is dus onterecht .”

Er zijn dus nog wel landen waar de situatie zorgelijk is. In Afghanistan zijn er sinds de maand november dit jaar drie journalisten om het leven gebracht, meldt Reporters Zonder Grenzen. In totaal zijn er dit jaar al tien journalisten vermoord in het Arabische land. In negen van de tien gevallen werd er zelfs geen onderzoek ingesteld.

 

Een conferentie lijkt dus geen overbodige luxe. De aanwezige landen beloofden om onafhankelijk onderzoek en vervolging in te stellen tegen alle vormen van aanvallen op journalisten en mediapersoneel, online en offline. Sabir twijfelt of deze landen ook daadwerkelijk zullen optreden:    “Het is een lastige situatie. De Egyptische president Sisi is met open armen ontvangen in Frankrijk. Dit terwijl in het land een enorme repressie gaande is, waar ook journalisten de dupe van zijn. Landen als Frankrijk zouden van dit soort ontmoetingen moeten afzien en harder moeten optreden. Daarna kunnen er pas goede besluiten worden genomen omtrent de veiligheid van journalisten. Ik denk dat deze conferentie dus ook niet veel zal opleveren.”