Tom Dumoulin stopte afgelopen week tijdelijk met zijn wielercarrière. De wielrenner gaf aan dat hij zich niet meer gelukkig voelt in de sport. Na al die jaren presteren op het hoogste niveau, wordt de druk hem teveel. Dumoulin is een van de eerste renners die zo open voor zijn gevoel uitkomt, is dat toeval of speelt er meer?

Door David de Vaan en Tim van Sintfiet

Volgens oud-wielrenner Henk Lubberding is prestatiedruk iets wat al jaren speelt. Lubberding reed in de jaren tachtig op hoog niveau en had zelf veel last van de druk. “De druk zorgde voor veel stress en mede daardoor presteerde ik minder.” Lubberding vertelt dat die druk al begint bij de jeugd. “Je merkt al snel of je talentvol bent of niet. Ik had het talent, alleen kwam daardoor al meteen de druk om het talent ook juist te benutten.”
Lubberding geeft ook aan dat de ouders van de talenten ook vaak voor veel druk zorgen. “De ouders dromen vaak al stiekem over een topsportcarrière van hun kind. Je wil je ouders natuurlijk niet teleurstellen, maar hierdoor krijg je zelf ook veel extra druk op je schouders.”

Blessures
‘The stress and injury model’, van Williams en Anderson (1998), laat zien hoe mentale problemen sportblessures kunnen veroorzaken. Volgens de theorie geeft stress rond wedstrijden een verhoogde kans op blessures. Dit komt doordat er nadelige veranderingen ontstaan in fysiologie en aandacht.

  • Verhoogde spiertonus (spanning van spieren in ruststand),
  • Vernauwing van het visuele veld,
  • Verhoogde afleidbaarheid.

Deze factoren verhogen het blessurerisico. De verhoging in spiertonus die ontstaat door stress wordt gedeeltelijk veroorzaakt door het gelijktijdig aanspannen van agonisten en antagonisten: een vorm van verstijven. Daardoor kan de spier vermoeid raken, de lenigheid verminderen, en ontstaan problemen met motorcoördinatie en inefficiëntie in bewegen. Stress versmalt ook het aandachtsveld en daardoor wordt een gevaarlijke situatie in het perifere blikveld letterlijk te laat gezien. Ook het reageren in het centrale aandachtsveld kan vertraagd zijn waardoor men een bal misschien wel ziet aankomen maar hem te laat ontwijkt.

 

Taboe
Volgens Henk Lubberding is het mentale gedeelte altijd een taboe in de sport geweest. “Je besprak dit nooit met anderen, het bestond gewoonweg niet.” Daan Olivier beaamt dit, Olivier stopte in 2019 noodgedwongen met wielrennen na knieproblemen. Olivier vertelt dat topsporters problemen graag verzwijgen. “Als je het er niet over hebt, dan bestaat het ook niet.” Toch is er een verandering gaande. Doordat de ploegen tegenwoordig de beschikking over psychiaters hebben komen de problemen nu vaak eerder aan het licht.
Sportpsycholoog Kim Muusse vertelt dat mede daardoor het taboe tegenwoordig wordt verbroken.

Coachen

De laatste jaren komt het mentale aspect dus steeds meer uit de ‘taboesfeer’. Toch geven de onzekerheden van Tom Dumoulin aan dat er nog wel degelijk een weg te gaan is. Lubberding vertelt dat hij tijdens zijn carrière veel gehad heeft aan de hulp van anderen, maar dat die door de taboe wel aan de late kant kwam. “Uiteindelijk heeft een haptonoom me geholpen met mijn mentale problemen. Van hem heb ik veel geleerd en daardoor kon ik uiteindelijk ook weer beter presteren.”

De oud-renner is zelf na zijn wielercarrière talentvolle wielrenners gaan coachen. Hij geeft tijdens deze trainingen extra veel aandacht aan het mentale aspect. “Vroeger ben ik zelf te laat achter mijn ‘struggles’ gekomen. Ik wil niet dat dit bij anderen ook gebeurt en dat ze daardoor minder kunnen presteren.” 

Factcheck 

Volgens verschillende wielerkenners is Tom Dumoulin niet volledig geschikt om kopman te zijn. “Dumoulin is eigenlijk veel te lief voor het fietsen.” Althans dat zei ex-wielrenner Bobbie Traksel in een podcast bij Eurosport. Dumoulin staat bekend als een sociaal persoon die niemand wil kwetsen. Het is in de topsport echter handig als je ook arrogant kan zijn, hierdoor kun je makkelijker de druk buitenwereld afsluiten. Dumoulin maakte afgelopen jaar tijdens de Tour een grote fout door zichzelf op te offeren als knecht. Later gaf Dumoulin aan dat hij zich niet goed genoeg voelde en daardoor op kop ging rijden. Ploegleiders gaven later echter aan dat hij had moeten bluffen en door had moeten rijden.

Henk Lubberding herkent zich in de gevoelens van Dumoulin, ook volgens hem is Dumoulin te sociaal. “Ik was vroeger ook erg sociaal, daardoor kon ik moeilijk me afsluiten voor anderen. Tom wil niemand voor het hoofd stoten, alleen zou hij dat in de koers wel moeten doen. Hij zou dan de baas moeten zijn.”

Bobbie Traksel vertelt dat de Tom nu last heeft van een ‘burn-out’.  Hij geeft aan dat ook hij met de druk te maken heeft gehad. “Ik fietste op een totaal ander niveau, maar voelde wel druk. Ik kon me daar alleen wel redelijk goed voor afsluiten. Voor Tom is dat echter vele malen moeilijker en dat komt door zijn lieve karakter”