‘Het effect van angst tijdens de coronapandemie’

Door Anton Isaev

Nederland zit thuis. Het accepteren van beperkingen aan ons dagelijkse leven om de strijd tegen het nieuwe coronavirus te winnen werd in het afgelopen jaar de norm. Maar dragen de coronamaatregelen bij aan ons welzijn, of belanden wij in een vicieuze cirkel door de invoering van lockdowns en social distancing? Inmiddels kampen velen met mentale problemen die voortkomen uit de opgelegde beperkingen aan ons leven. Professor Michaéla Schippers behoort tot de groep wetenschappers die zich afzet tegen het gevoerde beleid. Zij stelt dat de remedie in de vorm van de huidige coronamaatregelen erger is dan de kwaal, en legt uit hoe wij onze mentale gesteldheid kunnen waarborgen tijdens de coronacrisis.

Een korte terugblik: politieke wereldleiders verklaarden in februari van vorig jaar letterlijk de oorlog aan een nieuwe virusvariant. De sterfgevallen die uit de infecties met het nieuwe coronavirus voortkwamen, beperkten zich niet tot het Westen – onze wereld had te maken met een ware pandemie. De boodschap aan de wereldbevolking was vanaf het begin van de crisis helder: leven met coronamaatregelen is ‘het Nieuwe Normaal’.

Volksgezondheid eerst

Deze boodschap impliceerde dat de strijd tegen het virus niet op korte termijn kan worden gewonnen, en dat de focus op het waarborgen van de volksgezondheid ook in de toekomst een belangrijk onderdeel van ons leven zou zijn. Hier moesten wij, als burgers, allemaal aan bijdragen. Hiermee worden burgers in een positie geplaatst waarin zij verantwoordelijk wordt geacht voor de gezondheid van de medemens. Deze aanpak heeft zichzelf als effectief bewezen; de burger neemt in het algemeen zijn of haar verantwoordelijkheid en leeft de nieuwe gedragsregels na om zichzelf en anderen te beschermen.

De Nederlandse adviesorganen RIVM, OMT en het Red Team pleiten tegen versoepeling van de maatregelen omdat het aantal besmettingen in de laatste maanden gestaag bleef stijgen. Echter zouden wij ons af kunnen vragen of de focus op enkel het aantal nieuwe besmettingen met Covid-19 een correcte maatstaf is voor de volksgezondheid.

Inmiddels is veel bekend over het ziekteverloop van covid-19. De sterfte die het nieuwe coronavirus veroorzaakt blijkt volgens recente officiële cijfers niet van de pandemische proporties die aanvankelijk door de John Hopkins University zijn voorspeld. Een recent bulletin van de WHO dat is gepubliceerd door John Ioannidis, de meest geciteerde epidemioloog ter wereld, leert ons dat het sterftepercentage van covid-19 ligt op 0.23%. Voor personen die jonger zijn dan 70 jaar ligt dit zelfs op 0.05%. Ter vergelijking: het sterftepercentage bij een pandemie is 8-100%. Sommigen van de experts van de WHO die lockdowns als de enige manier presenteerden om de dood van miljoenen te voorkomen, manen overheden nu te stoppen met de lockdownstrategie.

Bejaarde mensen lopen het meeste risico om aan covid-19 te overlijden. Sommigen zijn van mening dat deze kwetsbare groep moet worden beschermd zonder de samenleving deels stil te leggen.

Feiten die tegenstrijdig zijn aan het beleid aangaande de effectiviteit van de maatregelen en over het verloop van de pandemie vanuit medisch en wetenschappelijk oogpunt lijken in de marge te verdwijnen. Het beperken van contacten totdat een vaccin beschikbaar is, blijft de strategie om uit de coronacrisis te komen. Het doel van deze aanpak was het wegnemen van druk op het zorgstelsel. Het is mogelijk dat social distancing hierin een wezenlijk verschil maakte. Wat een vaccin betreft, is de ontwikkeling een ingewikkeld en tijdrovend proces. Er zijn tal van infectieziekten, met name snel muterende virusvarianten, waarbij het ontwikkelen van vaccins vooralsnog onmogelijk of ineffectief is gebleken. Bovendien heeft de algemeen directeur van de WHO aangegeven dat vaccinatie geen definitieve uitkomst biedt om terug te keren naar het oude normaal, en dat permanente aanpassingen aan ons leven nodig zullen blijven.

Zorgen over beleid

Professor in Behaviour and Performance Management Michaéla Schippers van de Erasmus Universiteit Rotterdam is bezorgd om de situatie. Schippers doet vanaf het begin van de crisis onderzoek naar de negatieve effecten van de coronamaatregelen. Zij presenteerde haar bevindingen in verschillende publicaties en talkshows. Haar mening dat niet het virus, maar de maatregelen voor de meeste schade en slachtoffers in deze crisis zorgen, wijkt af van het merendeel van haar collega’s en deskundigen die zich bezighouden met de coronakwestie. Schippers stuitte dan ook op weerstand bij het kenbaar maken van haar visie, en wordt inmiddels door de communicatieafdeling van de Erasmus Universiteit weerhouden om door te gaan met het verspreiden van informatie die ingaat tegen het door de overheid aangehouden narratief.

‘Dit is inmiddels het grootste sociale experiment aller tijden te noemen’

Schippers bestudeert de paradox dat ondanks de gevaren van het coronavirus wij, als samenleving, met de coronamaatregelen afbreuk lijken te doen aan de gezondheid en economische zekerheid van het merendeel van de bevolking. ‘Terwijl de helft van de wereld zich in meer of mindere mate in een vorm van lockdown bevindt, is het inmiddels het grootste sociale experiment aller tijden te noemen, met bijeffecten die elk aspect van het menselijke bestaan raken’, aldus Schippers. Zij legt uit dat naarmate het virus zich verder verspreid, de angst voor corona ook toeneemt: ‘De wijze waarop deze crisis door de overheid en media aan het publiek wordt gepresenteerd, vormt mogelijk voor een groot gedeelte het gedrag hoe mensen met deze noodsituatie omgaan. In het algemeen hebben mensen eerder de neiging tot handelen wanneer zij worden gevraagd om dit te doen vanuit het perspectief om sterfte te vermijden, in plaats van levens te redden (loss versus gain prospect theory).

Onderzoek hiernaar toonde aan dat mensen tot twee keer meer gemotiveerd zijn tot het vermijden van een mogelijk verlies, dan tot het verkrijgen van een mogelijke winst. In het geval van de coronacrisis ligt de focus op het vermijden van besmetting – of terwijl het vermijden van een mogelijk verlies – wat gedeeltelijk een eenzijdige berichtgeving van de kant van de overheid en media, en het hieruit voortkomende gedrag van burgers verklaart. Het benadrukken van het feit dat covid-19 een levensgevaarlijke bedreiging voor mensen vormt, zorgde ervoor dat het merendeel van de bevolking meeging in de implementatie van de maatregelen om verdere schade te voorkomen.

‘De negatieve effecten van het coronabeleid vallen niet langer te ontkennen’

‘Dat terwijl de negatieve effecten van het coronabeleid niet langer vallen te ontkennen: oversterfte door honger (in ontwikkelingslanden), vertraging bij medische behandelingen, toename aan mentale problemen en zelfdoding, en een groeiende ongelijkheid door werkloosheid zijn rimpelingsgevolgen die zich in de strijd tegen het virus tot op heden in de marges van politieke besluitvorming bevinden’, aldus Schippers.

Onwetendheid en twijfel

Michaéla Schippers gaat in op hoe agnotologie – cultureel-geïnduceerde onwetendheid of twijfel – cognitieve dissonantie (spanning bij confrontatie met tegen de eigen overtuiging ingaande opvattingen of ideeën) in de hand werkt. Overheidsinstanties en media zetten zich ervoor in dat informatie over de coronacrisis op een manier wordt gepresenteerd die de publieke inzet voor naleving van de maatregelen vergroot. Echter wordt dit gedaan op een manier die de bevolking motiveert om levens te redden zonder dat er dieper wordt ingegaan op het aspect dat het gewicht van de coronamaatregelen voornamelijk door de zwakkeren en armen van de maatschappij zal worden gedragen. De gekozen maatregelen zorgden in de samenleving niet alleen voor een massale toewijding in het naleven van de maatregelen, maar ook tot agnotologie omtrent de negatieve effecten van het coronabeleid.

De mate waarmee mensen gehoorzamen aan autoriteiten, zelfs wanneer instructies ingaan tegen het morele beoordelingsvermogen, wordt al decennia onderzocht. Beroemde experimenten als het conformiteitsexperiment van Salomon Asch, het gehoorzaamheidsexperiment van Milgram en het Stanford gevangenisexperiment lieten zien hoe het autonome denkvermogen door groepsdruk wordt beïnvloed. De resultaten van het experiment van Salomon Asch lieten zien dat het individuele beoordelingsvermogen onder grote druk komt te staan wanneer er sprake is van groepsvorming: slechts een kwart van de proefpersonen was in staat om een correct (en voor de hand liggend) antwoord te geven wanneer dit tegen het narratief van de groep ingaat.

Dit geeft een mogelijke verklaring voor de instelling van mensen die met de maatregelen meegaan zonder hier een duidelijke mening over te uiten naar hun omgeving – het publieke narratief wat betreft de coronamaatregelen druist in tegen hun eigen visie, die vervolgens niet kenbaar wordt gemaakt om een oordeel vanuit het collectief te voorkomen. In het algemeen laten de studies zien dat conformiteit en gehoorzaamheid hele gewone menselijke eigenschappen zijn, en dat mensen een aangeboren neiging hebben om een leider of collectief te volgen.

Omgaan met angst

In tijden van crisis zoeken mensen naar houvast om de situatie, en de manier waarop zij hiermee omgaan, te rechtvaardigen. In een poging om de situatie volledig te begrijpen, richten velen zich tot experts die de kwestie vanuit wetenschappelijke hoek belichten. Dit kan veel helderheid verschaffen. Echter observeren wij dat wetenschappelijke feiten verloren kunnen gaan in bijgeloof, complottheorieën en cognitieve dissonantie met een verstoord beeld van de realiteit als gevolg. Omdat mensen min of meer door de overheid worden gedwongen om te conformeren tot gedrag dat zij niet uit zichzelf zouden doen, kan cognitieve dissonantie een verklaring zijn voor het volhouden van maatregelen, zelfs nadat duidelijk wordt dat deze geen bewezen positieve effecten hebben. Mensen zoeken naar een balans tussen cognitie en gedrag, en hebben de behoefte om de relatie tussen gedrag en uitkomsten waar te nemen. Zelfs wanneer de relatie tussen de twee afwezig is.

‘Bijgeloof en complottheorieën hebben wel degelijk nut om angst te verminderen’

Bijgeloof, complottheorieën en verstoring in cognitieve dissonantie hebben, ondanks mogelijke negatieve gevolgen, wel degelijk nut. Velen ontwikkelden in de coronacrisis de overtuiging dat hoe meer opofferingen worden gemaakt, hoe nuttiger het moet zijn in de strijd tegen het virus. Zo wil twee derde van de Nederlandse bevolking dat de maatregelen verder worden aangescherpt. De aangenomen veronderstelling dat beslissende actie in de vorm van het coronabeleid de pandemie het hoofd biedt, laat zien dat er een sterke behoefte is om in een oplossing te geloven. Omdat wetenschappelijk bewijs voor de effectiviteit van een groot gedeelte van de maatregelen vooralsnog voor een groot deel ontbreekt, wordt een hoge mate van geloof in het publieke narratief geïnvesteerd. Een recente studie laat zien dat dit gedrag niets te maken heeft met de mate van intelligentie die een individu bezit, maar niets meer is dan een methode om met angst om te gaan of te verminderen.

Tegenstrijdige uitspraken

De groep beleidsmakers die grotendeels de koers van het Nederlandse coronabeleid bepalen, blijven bij hun standpunt dat het maatschappelijke model van social distancing essentieel is om ons te ontzien van een nieuwe uitbraak met mogelijk catastrofale gevolgen. Hoewel het momenteel niet mogelijk is om deze stelling te bevestigen of te ontkrachten, is het een scenario waar rekening mee gehouden moet worden. Een verergering van de gezondheidscrisis door een te vroege versoepeling van de maatregelen zou in de huidige situatie kunnen leiden tot een onhandelbare situatie.

Prognose van de afname van werkgelegenheid in ontwikkelde landen door de coronacrisis. Als de prognoses juist zijn, stevenen wij af op de grootste economische neergang in onze geschiedenis. Bron: IHS Markit, CIPS, Jibun Bank

Tegelijkertijd zijn de prognoses van de impact van het gedeeltelijk stilleggen van de wereldeconomie verre van positief. Zo stelt de World Food Programme dat niet corona zelf, maar de gevolgen van de maatregelen de meeste slachtoffers zullen maken. Mede daarom is de coronacrisis zelfs als grootste humanitaire ramp in de geschiedenis beschreven. Door het gedeeltelijk stilvallen van de voedseldistributie wordt voorspeld dat 300.000 mensen per dag door honger zullen overlijden. Het voorspelde dodental zou daardoor op kunnen lopen tot meer dan 100 miljoen mensen.

Voorlopig beperkt het rampscenario van honger zich tot arme landen. Echter zijn de negatieve effecten van de maatregelen ook in westerse landen meetbaar. Sinds maart is er sprake van een toename van depressie, eenzaamheid, vervreemding, verslavingsproblematiek en verlies van toekomstperspectief. Daarbij tonen verschillende studies aan dat het model van social distancing vanuit medisch oogpunt mogelijk een averechts effect heeft op het menselijke immuunsysteem. Ook wordt de behandeling van andere aandoeningen, zoals kanker en hart- en vaatziekten, regelmatig uitgesteld omdat covid-19 prioriteit heeft. Zo rapporteerden artsen van oncologische afdelingen een fikse afname in diagnoses van bepaalde kankersoorten. Deze konden simpelweg niet worden gediagnostiseerd.

Toekomstbeeld

Ongeacht of je een voor- of tegenstander van de coronamaatregelen bent, valt het niet te ontkennen dat wij in een tijd leven waarbij velen de behoefte hebben aan een methode om te kunnen omgaan met deze situatie. Hiervoor keert Michaéla Schippers zich naar de broaden-and-built theory: ‘Het zal moeilijk worden om negatieve effecten zoals verlies van werk en langdurige angst te stoppen, maar het is belangrijk om ten minste te proberen om de negatieve impact op ons geestelijk welzijn te verminderen. Het visualiseren en vervolgens beschrijven van een geïdealiseerd toekomstbeeld heeft vanuit therapeutisch perspectief veelbelovende resultaten laten zien. De theorie en bevindingen suggereren dat de capaciteit om positieve emoties te ervaren gerelateerd is aan het overwinnen van negatieve ervaringen. Visualiseren en schrijven over een positief persoonlijk toekomstscenario laat ons nieuwe waarden en passies ontdekken, geeft vorm aan persoonlijke doelen en plannen, en manifesteert een innerlijke toewijding en aan de uitvoering daarvan’, aldus Schippers.

Links: de impact van emoties op herstel na cardiovasculair trauma. Rechts: Correlatie tussen emoties en capaciteit voor het uitvoeren van acties. Bron: University of Michigan, Fredrickson & Branigan

Als individu kun je weinig tot geen invloed uitoefenen op externe ontwikkelingen – momenteel kunnen wij niet naar de sportschool, naar een restaurant of naar een feest. Dit zijn concrete beperkingen waar wij mee moeten leven. De kracht van positieve visualisatie is hierin een krachtig instrument.

Het is makkelijk om de status quo zoals wij die voor de pandemie kenden uit het oog te verliezen. Een verlies aan toekomstbeeld doet sommigen vergeten dat deze situatie eindig is. Terwijl dat vaststaat, ongeacht hoe de crisis zich verder zal ontwikkelen. In de tussentijd kunnen wij ons richten tot wat wél kan. Buiten sporten, thuis lekker koken en zo veel mogelijk (online) contact zijn tijdelijke oplossingen die een uitkomst kunnen bieden voor degenen onder ons die nu kampen met mentale problemen. Het is bewezen dat positieve emoties slepende negatieve emoties ongedaan maken, en dat een positieve instelling je immuunsysteem sterker maakt. Het is aan eenieder van ons om de kracht te vinden om je niet door angst te laten leiden.