Vorige maand opende in Den Haag de Mall of the Netherlands, het grootste winkelcentrum van Nederland. Het winkelcentrum is een project van Unibail-Rodamco, een Europees vastgoedbedrijf wat zich specialiseert in grote winkel- en tentoonstellingscentra. Je zou zeggen dat de gigant een bedreiging vormt voor kleinere winkelcentra in de buurt, maar dat lijkt vooralsnog mee te vallen.

Peter Friesen is voorzitter van de winkeliersvereniging van Mariahoeve, het winkelcentrum wat het dichtst bij de pas-geopende Mall of the Netherlands ligt. Friesen zegt zelf wel te merken dat de gigant er nu staat, maar of het een negatieve impact heeft is nog maar de vraag. “We merken wel dat het iets rustiger is in het centrum, maar het is altijd koffiedik kijken of het komt door de Mall of the Netherlands. Het is qua aantal betalende klanten niet minder dan voorheen.”

Het nieuwe winkelcentrum is volgens Friesen wel het gespreksonderwerp van het moment. “Klanten hebben het er wel over. Ze zijn wel wezen kijken uit nieuwsgierigheid, maar uiteindelijk doen ze toch hun dagelijkse boodschappen hier.”

Geen concurrentie

De Mall of the Netherlands maakte al ver voor hun opening bekend dat ze niet uit zijn op concurrentie. Friesen werd als voorzitter van de winkeliersvereniging vijf jaar geleden uitgenodigd op een presentatie van Unibail-Rodamco, de uitvoerders van de Mall of the Netherlands. Friesen: “Met die presentatie wilden ze echt duidelijk maken dat ze zich niet richten op dagelijkse boodschappen. Mall of the Netherlands wil een winkelcentrum zijn waar mensen een halve of volle dag verblijven. In kleinere winkelcentra gaan we uit van onze eigen krachten, Mariahoeve is geen centrum waar je een hele dag vertoeft.”

Door covid is het momenteel alleen mogelijk om te shoppen op afspraak. Dit kan de cijfers ook beïnvloeden. Of dat ook daadwerkelijk zo is, vraagt Friesen zich af. “We merken dat het rustiger is in het centrum. Maar of dat door de Mall of the Netherlands komt, Covid-gerelateerd is, of omdat het salaris op is aan het einde van de maand, dat blijft gissen.”

Toch ziet Friesen ook kansen liggen. Volgens hem gaan mensen hun boodschappen uit nieuwsgierigheid doen bij de Mall, maar komen dan uiteindelijk toch terug bij hun oude vertrouwde winkelcentra. “Klanten lieten ons ook weten dat het zo onwijs druk was met parkeren, dat als ze een stuk kaas of een brood wilden dat ze juist naar ons zouden komen omdat het hier rustiger is. Ik denk dat het positief uit kan pakken, op de lange termijn krijgen we misschien wel juist meer klanten hierdoor.” Aldus Friesen.