Door Sarah Risseeuw & Wessel Sprangers

Er is sprake van een crisis in de Nederlandse jeugdpsychiatrie. Jongeren met ernstige mentale problemen, waaronder suïcidale gedachten, kunnen niet of nauwelijks terecht voor crisishulp terwijl het aantal aanvragen alleen maar oploopt. Afgelopen jaar zelfs met dertig tot zestig procent. Instanties en jongeren luiden de noodklok, maar die wordt volgens hen nog niet voldoende gehoord.

Eliane de Graaf (21) is een van de vele jongeren waar crisishulp uitbleef toen ze die het hardst nodig had. Al vanaf jongs af aan ervaart ze angstklachten en somberheid. Ze heeft in die periode posttraumatische stressstoornis (PTSS) opgelopen en vanaf toen ging het balletje rollen. Eliane vroeg vaak om hulp en om opgenomen te worden, maar de wachtrijen waren lang waardoor ze niet de acute zorg kreeg die ze nodig had.

Eliane de Graaf

Het verhaal van Eliane de Graaf zou oorspronkelijk op beeld verteld worden. Vanwege onverhoopte omstandigheden is dat niet doorgegaan.

‘Het was een wedstrijd’

Eliane heeft hele dubbele gevoelens over de jeugdpsychiatrie. “In al die jaren heb ik veel meegemaakt binnen de jeugdpsychiatrie. Aan de ene kant heeft het me verder geholpen, aan de andere kant heeft het me alleen maar verder laten afglijden.” Na lang wachten, vele aanvragen en schreeuwen om hulp werd Eliane in 2018 voor het eerst opgenomen in een jeugdpsychiatrische kliniek. Daarna volgde verschillende opnames in verschillende klinieken. “Tijdens opnames merkte ik dat het vooral om de regels en protocollen draaide en niet om mij. Er werd niet goed naar mijn verhaal en gevoel geluisterd.” Ook is er volgens Eliane sprake van ‘wedstrijdjes’ binnen de jeugdpsychiatrie. “Degene die de meeste trauma’s heeft, het diepste snijdt en de meeste zelfmoordpogingen heeft gedaan, die wint. Dit wordt lang niet altijd goed opgepakt door behandelaren en dat zorgde ervoor dat ik alleen maar verder van huis raakte.”

Geen effect

Eliane heeft lang niet altijd de juiste hulp gekregen en dat heeft zijn sporen achtergelaten. “Ik heb meerdere verkeerde diagnoses gekregen. Behandelaren wisten niet goed meer wat ze met me aan moesten waardoor ik op hetzelfde punt bleef vastlopen.” Het heeft meer dan tien jaar geduurd voordat de juiste hulp werd gevonden voor Eliane. “Dit lag niet altijd aan de jeugdpsychiatrie, maar ook aan mezelf. Ik heb altijd een muur opgehouden en gedaan alsof het goed met me ging.” Eliane is meerdere keren uitbehandeld verklaard zonder dat de behandeling ook maar enig effect had.

Pak het anders aan

“Binnen de jeugdpsychiatrie moeten een hele hoop dingen anders. Voor mij was vroege interventie heel belangrijk geweest. Wees er dus op tijd bij om erger te voorkomen. Hiermee voorkom je ook die lange wachtrijen.” Volgens Eliane is goed luisteren naar een cliënt een van de belangrijkste dingen die je als behandelaar kunt doen. “Doe niet alles volgens het boekje, maar kijk écht naar wie je tegenover je hebt zitten.” Na vele verkeerde diagnoses zakte Eliane alleen maar verder weg en ging het steeds slechter. Dat was een gevolg van het ‘niet luisteren.’ “Er moet meer geïnvesteerd worden in diagnostiek. Niet zomaar iemand een diagnose geven, want dat kan hele nare gevolgen hebben.” 

Ook vindt Eliane dat er een taboe doorbroken moet worden. Mentale problemen moeten open besproken kunnen worden, volgens haar. “Er heerst nog zoveel schaamte over dit onderwerp. Wanneer jongeren opgenomen worden moet je ze niet meteen separeren, isoleren en volspuiten met medicatie, maar juist naar ze luisteren en de tijd voor ze nemen. Dat had mij in ieder geval een hoop trauma’s bespaard.”

Ook zorgdeskundigen zien de problemen binnen de jeugdpsychiatrie toenemen. Wij spraken met twee van hen over de huidige problematiek en het verhaal van Eliane de Graaf.

Wat kan de politiek betekenen?

Bianca den Outer (47) is lid van de steunfractie in Oosterhout namens D66. Daarvoor was Den Outer zeven jaar werkzaam bij een GGD-vestiging. Hoe zijn er zulke lange wachtrijen ontstaan die als gevolg hebben dat mensen niet geholpen kunnen worden en wat kan de politiek hierin betekenen? 

Wachtlijsten in de jeugdhulp zijn volgens Den Outer niet iets geks. “Op zich hoeven wachtlijsten niet slecht te zijn omdat ze zorgorganisaties in staat stellen hun zorg goed te verlenen. Wachtlijsten worden vervelend wanneer kinderen en jongeren niet op het juiste moment de juiste zorg krijgen en de situatie verergerd.” Maar waarom is de situatie nu dan zo nijpend? Den Outer: “We vinden die wachtlijsten nu een probleem omdat het om zwaardere problematiek gaat. Kinderen met eetstoornissen kunnen bijvoorbeeld geen half jaar wachten, zij hebben acute zorg nodig.” Daar zit volgens haar nu het knelpunt. “We hebben te veel kinderen die meteen zorg zouden moeten krijgen, maar dit lukt niet omdat er simpelweg teveel kinderen zijn voor te weinig personeel.”

Volgens Den Outer hebben de kinderen die geholpen worden acute zorg nodig, maar dat is niet binnen twee weken geregeld. “Zij hebben langer hulp nodig, dus is er een lage uitstroom en daardoor blijven deze plekken bezet.’’ 

Te weinig invloed

Om dit soort problemen aan te pakken wordt er naar de politiek gekeken, maar Den Outer is sceptisch over de wil en het kunnen van de politiek. “Ik denk dat de invloed van de politiek veel minder groot is dan dat ze zelf veronderstellen of zelf zouden willen. Uiteindelijk betreft het medische zorg en als landelijke politiek kun je niet in de inhoudelijke zorg treden, want dit ligt bij de gemeenten en de zorgverzekeraar.’’ Wat de politiek wel doet, noemt Den Outer een meer-minder-tactiek. “Je zou kunnen zeggen dat de politiek een aantal sturingsmogelijkheden heeft die ze toepassen. Een daarvan is extra geld erin pompen zodat er meer personeel is en er meer beschikbare plekken zijn.”

Deze tactiek aanpassen zal niet zomaar gaan. Al sinds de jaren ‘50 wordt in Nederland de medische zorg via zorgverzekeraars geregeld. Er is besloten om de zorg te betalen via een zorgverzekering. Er is een zorg die niet verzekerbaar is en dat is de Wet langdurige zorg (Wlz). Deze wordt betaald door de overheid. Den Outer: “Ik ben erg te spreken over dit stelsel. Het is heel toegankelijk voor alle Nederlanders en iedereen heeft er recht op. De beschikbaarheid en bereikbaarheid zijn gewoon heel goed. Daarnaast geven de zorgverzekeraars goede sturing aan de zorgorganisaties.”

Verantwoordelijkheid gemeenten

In 2015 is er een aantal vormen van zorg gedecentraliseerd van landelijk naar  gemeenteniveau, waaronder jeugdhulp. Hierdoor wordt jeugdhulp niet meer vanuit één bestuur geregeld, maar is het versnipperd geraakt. Dat betekent dus dat de gemeente verantwoordelijk is voor de organisatie en het bekostigen van de jeugdhulp. Niet alle gemeenten hanteren dezelfde aanpak, waardoor niet iedereen op dezelfde manier geholpen wordt. 

Hieronder zijn de meest recente gegevens zichtbaar van het Centraal Bureau Statistiek (CBS) over het aantal jongeren dat jeugdhulp krijgt en de gemiddelde duur van jeugdhulp. In beide grafieken is er sprake van een stijgende lijn. Deze stijgingen benadrukken dat de vraag naar mentale hulp onder jongeren toeneemt en de duur van die jeugdhulp eveneens.