Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) waren jongvolwassenen het meest psychisch ongezond in 2021. Het percentage van jongvolwassene dat zich somber en neerslachtig voelde in de eerste twee kwartalen van dit jaar is sinds 2001 niet zo hoog geweest. Uit onderzoek van het CBS blijkt dat in 2021 15% van de bevolking van 12 jaar of ouder psychisch ongezond is. Zo ook Daisy* (23) uit Leidschendam.

Daisy is student aan de pabo en is officieel gediagnostiseerd met dysthyme stoornis. Dat is een depressie die regelmatig terug kan keren wanneer deze niet goed behandeld wordt. Daarnaast heeft ze ook te maken met hypochondrie en ADHD. Hypochondrie bestaat door meerdere paniek aanvallen per dag, deze aanvallen komen voort uit angst voor haar gezondheid.

“Toen mijn depressie ernstiger was, zorgde die ervoor dat ik hele dagen in bed lag en niks wilde doen. Alles waar ik plezier uit haalde, deed ik niet meer omdat ik liever sliep. Ik zorgde slecht voor mezelf en at weinig op een dag. Mijn angststoornis had invloed op mijn dagelijkse leven, omdat ik tijdens een paniekaanval heftig moest hyperventileren en hartkloppingen kreeg. Ik was bang om buiten een aanval te krijgen, dus bleef ik veel thuis.”

“Ik heb langere tijd mijzelf pijn willen doen, al voor de coronacrisis. Dat deed ik omdat ik mentaal helemaal was afgevlakt en toch iets wilde voelen. Nu doe ik dat niet meer omdat het meer problemen brengt dan hulp. Dat zie ik nu in. Ik merkte dat door de verergering van mijn depressie en angst gedurende de coronaperiode ik nog eens denk aan automutilatie, maar ik heb geen stappen genomen om dat weer te starten. De motivatie om het niet te doen is groot genoeg daarvoor. Ik heb verder nooit een concrete poging gedaan om zelfmoord te plegen. Ik heb wel vaak met de gedachte gezeten: hoe zou het zijn als ik er niet meer was? Zouden mensen me missen? Dat ik die gedachte ooit had, emotioneert me nu.”

‘Ik heb regelmatig gedacht aan hoe het zou zijn als ik er niet meer was’

“Ik had al psychische klachten mede door persoonlijke gebeurtenissen, studielast en mijn ADHD. Aan mijn ADHD kan ik weinig doen, dus op dat gebied is er niks veranderd. Door de lockdowns verdwenen veel van mijn sociale contacten. Omdat niks kon werd ik zelf weinig uitgedaagd om contact te zoeken en verergerde mijn depressie. Mijn paniekstoornis is ook erger geworden door de komst van corona. Door de onzekerheid van het virus en mijn angst voor ziekte en gezondheidsproblemen ben ik daar enorm bang voor.”

“In mijn geval werkt cognitieve gedragstherapie (CGT), waarin je werkt aan het ‘her’programmeren van je hersenen door je gedachten te analyseren en om te buigen. Dit helpt bij mijn depressieve gedachten en ik heb hier al eerder positieve ervaringen mee opgedaan. Dat dit voor mij werkt betekent echter niet dat dat voor iedereen zo is.

“Ik ben vijf jaar geleden bij de dokter geweest omdat ik mijzelf beschadigde. Omdat dit enigszins ernstig was, werd ik doorverwezen naar een kinderpsycholoog. Omdat ik toen al tiener was voelde ik mij niet serieus genomen en ben ik gestopt. Doordat mijn klachten verergerden ben ik daarna opnieuw door de arts doorverwezen, ditmaal naar een jeugdzorg instelling De Jutters. Het intakeproces daarvoor duurde een jaar en het heeft na de intake nog vijf maanden geduurd voordat ik aan de beurt was. Door de lange wachtrijen is het niet mogelijk meteen geholpen te worden. Een crisisinstelling waar ik ooit terecht ben gekomen had niet altijd plek voor jongeren die dat dringend nodig hadden. Daarom werd je heel snel uitbehandeld als het enigszins goed met je ging, om ruimte te maken voor anderen. Na mijn uitbehandeling ben ik opnieuw in een depressie terecht gekomen en heb ik hulp gekregen via de praktijkondersteuner van de huisarts. Hier heb ik veel geluk mee gehad, omdat ik op die manier het hele intakeproces in de GGZ heb overgeslagen.”

“Ik was voor de coronapandemie niet meer in behandeling. Dat ben ik wel een tijd geweest, maar ben toen uitbehandeld. Omdat het een dysthyme stoornis betreft is het mogelijk dat de depressie terugkeert. Dat gebeurde bij mij voor de pandemie, maar ik heb toen geen hulp gezocht. Tijdens de pandemie had ik gewild dat ik wel stappen had genomen om hulp te krijgen, want ik merkte al gauw dat tijdens de lockdown het krijgen van geestelijke hulp heel erg moeilijk was. Meer mensen kampten namelijk in deze tijd met klachten zoals depressies. Je kunt nergens naar toe, je maakt je zorgen en je leven staat op z’n kop dus de vraag naar psychische hulp was voor mij erg groot.”

 “Ik heb veel geluk gehad met het krijgen van hulp in de coronatijd. Na een bezoek aan mijn huisarts met klachten van neerslachtigheid werd ik doorverwezen naar de GGZ-praktijkondersteuner. Dat is een tussenpersoon die je kan doorverwijzen naar een professional. Ik heb geluk gehad, omdat mijn verleden met mijn geestelijke gezondheid zorgde dat ik prioriteit werd.

‘Je bent het waard!’

“Ik ben dus via een achterdeurtje de gezondheidszorg binnen gekomen en heb daar veel profijt van. Naarmate de maatregelen afnemen merk ik dat ik positiever  ben over de toekomst en het leven met een virus en met mijn vaccinatie minder angstgevoelens ervaar.”

“Als je iemand kent die worstelt met psychische klachten is het waardevol om een luisterend oor te bieden. Je hoeft niks te vinden, te zeggen of te denken, maar als iemand zijn verhaal kwijt kan is dat al heel fijn. Iemand dwingen tot hulp is vaak niet zo zinvol, dus wees vooral begripvol.

“Voor de mensen die kampen met de psychische problemen wil ik nog kwijt dat je meer bent dan je ziekte. Er altijd iemand is die om je geeft en trots is op je, ook al voel je dat zelf niet. Je verdient hulp en ook al is de GGZ een zooitje, trek tijdig aan de bel. Je bent het waard!”

*De naam Daisy is gefingeerd. Haar echte naam is bekend bij de redactie.