Jarenlang was de Betuwse voetbalclub FC Lienden een vast gezicht in de hoogste amateurcompetities en wist zelfs enkele malen de titel van beste amateurclub van Nederland te bemachtigen. Vandaag de dag is de Blauwe Zebra nog geen schim van zijn vroegere zelf. FC Lienden is op dit moment een middenmootclub in de vierde klasse van het Nederlandse amateur voetbal.

Succesjaren

Dick van Ingen is al tientallen jaren actief als secretaris van de club en heeft de opkomst, de successen en de val van dichtbij ervaren. In de beginjaren van dit millennium begon de club te groeien. ”Kijk, de club was in die tijd in twee delen verdeeld. Je had enerzijds het topvoetbal waar de sponsors en de businessclub hun deel in hadden en je had de jeugd en de andere seniorenelftallen die moesten rondkomen van de contributies en aparte sponsorgelden.” Door de stevige financiële wind die in deze periode door Nederland waaide, waren er volgens Van Ingen enorm veel ondernemers die de topafdeling van de club steunde. ”We hadden op een gegeven moment meer dan vierhonderd leden bij de business club.”

Het financiële succes zorgde ondanks de scheiding met de jeugd wel voor wind in de zeilen van de andere afdelingen. ”De jeugd bestond toen ook uit rond de vierhonderd leden. Elk lid liep trots rond omdat de Blauwe Zebra zo goed presteerde. Natuurlijk zorgde dat voor aanwas bij onze jeugd, iedereen wilde in het blauwwit rondrennen!”

In 2008 bereikte de opkomst van de dwergclub uit de Betuwe een apotheose. In de KNVB-Beker namen ze het op tegen het Arnhemse Vitesse. Na een wedstrijd die leek te eindigen in een bloedeloos gelijkspel scoorde invaller Erik de Kruijk de 1-0 waardoor FC Lienden de Gelderse grootmacht in hun hemt naar huis stuurde. Van Ingen kijkt melancholisch terug op deze periode. ”Vanaf dat moment waren we een begrip, we werden bekend van Groningen tot aan Maastricht.”

Amateurkampioen 

Na 2008 bleef Lienden bouwen aan hun amateurimperium wat uiteindelijk uitmondde in het tweemaal op rij behalen van de titel Beste Amateurclub van Nederland in de seizoenen ’14-’15 en ’15-’16. Wat velen niet wisten, is dat het verval toen al was ingezet.

De val 

Volgens Van Ingen begon het spaak te lopen toen de economische crisis aan het oppervlak schade begon aan te richten. ”De businessclub bestond volledig uit lokale ondernemers. Die konden op dat moment de middelen wel ergens anders voor gebruiken. Logisch, maar voor de club wel een groot probleem.” De club ging ondanks de situatie door met het faciliteren van topsport. ”Topsport is duur, je hebt materiaal nodig, spelers kosten geld, je moet reizen. Op een gegeven moment hadden we de kans om naar de Jupiler League (voormalig tweede niveau van Nederland) te gaan, maar dat hebben we bewust niet gedaan. Ten eerste omdat we liever leuke lokale wedstrijden spelen, en ten tweede omdat het financieel niet behapbaar was.”

Volgens van Ingen waren er sponsors die wel dit niveau wilde nastreven, dit zorgde voor verdeling in de nog aanwezige sponsoren. ”De twee grootste sponsoren waren eigenlijk van mening dat het topsport niveau behaalt moest worden, maar met een dalend vermogen kun je dat niet meer nastreven.” De sponsorgelden moesten dus omhoog Volgens van Ingen. Het verhogen van de sponsorgelden zorgde ervoor dat kleinere sponsors niet meer mee konden met het grote geld. ”Minder sponsors betekende dus minder geld voor het eerste elftal, en dat betekende dus achteruitgang in het niveau van het elftal. Toen zette eigenlijk heel snel de val in. We degradeerde naar de Derde Divisie waarna we besloten om er een punt achter te zetten. Geen topvoetbal meer in Lienden.”

De Liendense club oogde de laatste jaren wat verlaten en volgens van Ingen had dit te maken met de sfeer op de club. ”Het eerste heeft ons successen gebracht, maar er zijn ook veel pijnlijke dingen die aan ons blijven kleven. We moeten ervoor zorgen dat we onze succesvolle jaren koesteren en verder gaan. FC Lienden moet weer een gezellige dorpsclub worden.”