Het Rijksmuseum in Amsterdam heeft besloten de tem Bersiap uit haar nieuwe  expositie REVOLUSI! te halen. Dit vindt de gastcurator en historicus Bonnie Triyana een goede zaak, hij vindt het woord een racistische lading hebben. In deze expositie wordt de roerige en veelbesproken perioden van over de Indonesië onafhankelijks oorlog getoond.

Het Rijksmuseum geeft niet direct antwoord op de vraag waarom ze ervoor gekozen hebben om het begrip Bersiap-perioden niet te gebruiken. Wel zeggen ze dat ze het belangrijk vinden om te vermelden dat ze het geweld en het leed natuurlijk herkennen. Ze hebben een hele galerij besteed aan deze kwestie. “Na deze weken, maanden van het geweld van beide kanten vinden we het een belangrijk gedeelte van de expositie”, meldt Harm Stevens, conservator van het museum. “Naar deze perioden wordt gekeken door het standpunt van een ooggetuige, door middel van hun individuele en persoonlijke geschiedenis. Dit doen ze door middel van  slachtoffers van het Nederlandse geweld en het Indonesische  geweld aan het woord te laten.”

Terug in de tijd

In 1940 werd Nederlands-Indië ingenomen door de Japanners. Dit was het teken voor de Indonesiërs dat er andere sterke landen waren buiten de gevestigde koloniale heersers. Aan het eind van de tweede wereldoorlog werd Indonesië een zelfstandig land. Indonesië is dan vrij,  maar de Japanners zijn er nog. Jonge mannen komen in opstand onder het motto Bersiap, wat ‘sta paraat’ betekend. Om hun vrijheid te krijgen gebruiken ze veel geweld tegen In reactie hierop komt Nederland in actie en probeert haar  voormalige kolonie te heroveren, dit ging er bloedig aan toe. “Het is dan ook  voor beide landen geen periode om trots op te zijn”, vertelt historicus drs. Hélène Briaire

Twee kanten

In de kwestie over het begrip Bersiap heb je twee kanten: aan de ene kant die van de Indonesiër en aan de andere kantIn het beeld van de Indonesiërs heeft het begrip dat ‘sta paraat’ betekent een ‘sterk racistische lading’, Dit gevoel zit volgens de gastcurator vooral in het gegeven  dat de term met name door Nederlanders wordt gebruikt. Ook verwijst het volgens hem naar ‘primitieve, ongeciviliseerde Indonesiërs als daders van de gewelddadigheden’. Dat is ‘niet geheel vrij van rassenhaat.’

Triyana vervolgt: ‘De wortel van het probleem ligt in het onrecht dat het kolonialisme creëerde en dat een structuur vormde van een op racisme gebaseerde hiërarchische samenleving die de exploitatie van de kolonie omhult’. Daarnaast wordt deze term volgens hem in Indonesië in deze context niet gebuikt.

Aan de andere kant heb je de Indische Nederlander. “De mensen die het overleefd hebben zijn ternauwernood ontsnapt. Er is nooit ruimte geweest voor deze mensen om hun verdriet en leed te uiten omdat Nederland heeft de schuld op zich genomen voor de verschrikkelijke oorlogsacties van die tijd. Nu wil een Indonesiër het woord niet gebruiken omdat het racistisch is. Hij maakt van daders slachtoffers en van slachtoffers daders ”, vertelt Mischa’el Lentze van de Federatie Indische Nederlander.

Glas half vol

“Een nieuwe term voor dit probleem zal er niet snel komen. Misschien ooit wel, maar zolang er mensen leven die het meegemaakt hebben wordt het heel moeilijk”, vertelt Briaire. “De positieve kant van deze bloeiende discussie is dat er aandacht komt voor deze verzwegen periode. “Veel jongeren hebben nog nooit van dit begrip gehoord. Het voordeel is dat we het er nu over kunnen hebben en we kunnen leren van de geschiedenis”, sluit de historicus af.