Op 12 april is het Internationale Dag van het Straatkind, waarbij we stilstaan bij alle kinderen die dakloos zijn. Geen enkel kind zou op straat moeten leven. Toch gebeurt het geregeld. “Dakloze jongeren leven constant in de overlevingsstand”, vertelt programmamanager Stichting Zwerfjongeren Nederland Marleen van der Kolk.

Foto: EPA/STEPHANIE LECOCQ

De internationale dag is in het leven geroepen om aandacht te vragen voor de grote hoeveelheid kinderen die op straat leven. Van der Kolk zegt in één woord dat het ‘drama’ is voor jongeren die op straat leven: “Dat wens je geen kind toe.”

Op straat

Kinderen worden volgens Van der Kolk om meerdere redenen uit huis gezet. Zo zijn er enkele jongeren die opgroeien in een instabiele gezinssituatie door bijvoorbeeld schulden. Hierdoor ontwikkelen zij zich niet voldoende. Sommigen kampen al voor een langere tijd met psychische problemen. Anderen worden uit huis gezet doordat beide ouders komen te overlijden of vanwege andere redenen niet in staat zijn om voor het kind te zorgen.

Gevolgen en preventie

“Dakloze jongeren leven constant in een overlevingsstand”, aldus Van der Kolk. “Ze staan continu met de rug naar de toekomst en met hun gezicht naar alle problemen waar ze mee te maken hebben. Daarom zeg ik altijd dat deze jongeren in een chronische burn-out zitten.” Volgens de programmamanager is het van belang dat er voortdurend aandacht blijft voor hen in ons ‘rijke landje’. “We moeten meer de focus leggen op preventie. Geef jongeren praktische zaken zoals een kamer, een inkomen om deze kamer te betalen en help ze met het opbouwen van een netwerk. Hier red je hen op dit moment het meeste mee.”

Zwerfjongeren in Nederland