‘Hé, jood!’, ‘jij bent niet Nederlands hè?’ of ‘jij bent niet van ons ras’ zijn opmerkingen die vandaag de dag nog vaak voorkomen in de ouderenzorg. Veel jongeren krijgen te maken met vervelende opmerkingen van cliënten en weten niet goed hoe ze ermee om moeten gaan. Het is belangrijk dat zij goed voorbereid zijn op dergelijke situaties tijdens werk of stage. In het onderwijs valt hierbij nog veel te winnen.

De 22-jarige Limburgse Dirok Rasoul heeft vaker te maken gehad met discriminerende opmerkingen op haar stage. Uitspraken als ‘niet van jouw ras’ en ‘je bent geen Nederlander’ heeft zij aan moeten horen op haar stage in Roermond. Ze liet het hier niet bij zitten en stapte naar haar begeleiders op stage en school. “Ik werd niet serieus genomen en mij werd verteld dat het mijn eigen schuld was.”

Privécollectie Dirok Ra

Rasoul voelde zich niet meer op haar gemak en zit inmiddels op een andere school in Venlo. Ze heeft geleerd van de situaties en kan er nu goed mee omgaan. “Vervelende opmerkingen gaan het ene oor in en het andere oor uit.” Ook gaat het een stuk beter op haar stage. “Negen van de tien keer kan ik een conflict oplossen met stagebegeleiders en cliënten.” Volgens Rasoul is het belangrijk dat dergelijke situaties bespreekbaar worden gemaakt.

Voorlichting
Het is belangrijk dat zorg- en verpleegkundige opleidingen meer aandacht besteden aan voorlichting over discriminatie op stage of werk in de zorg, vindt Rasoul. “In het begin had ik veel moeite met de opmerkingen. Ik heb nooit echt voorlichting gehad op school en was niet voorbereid.”

Daar sluit Laëtitia Dijkstra (20) uit Groningen zich bij aan. “De voorlichting op school mag echt beter. Je kunt wel op school terecht wanneer er iets vervelends is voorgevallen, maar dat is meer geruststelling achteraf.” Het is volgens de studente belangrijk dat zorgstudenten vanaf het eerste jaar al begeleid worden in dergelijke situaties.

Privécollectie Laëtitia Dijkstra

Generatiedingetje
“Ik denk daarentegen wel dat discriminerende uitspraken onder ouderen in de zorg een generatiedingetje is”, legt Dijkstra uit. “Zelf ben ik Joods-Israëlisch en hoor ik veel antisemitische grappen. Een hoop ouderen zijn in of kort na de oorlog geboren, zij associëren mijn afkomst daarmee.”

Ook Dijkstra laat het er niet bij zitten wanneer een cliënt een nare opmerking maakt. “Meestal spreek ik de cliënt aan op zijn gedrag en zeg ik ‘dat we niet zo met elkaar omgaan’ en verder ga ik er meestal niet meer op in.”